583 - Billie Holiday aan het woord in 1939
Vier jaar geleden schreef ik een artikel over wat je zou kunnen omschrijven als de nadagen van zangeres Billie Holiday (1915-1959). Hier kun je het vinden. Recentelijk vond ik artikelen die enkele tientallen jaren eerder gepubliceerd werden in het Amerikaanse blad Downbeat. Op 1 november 1939 kon je in het jazz-tijdschrift zelfs een interview lezen. Dave Dexter (1915-1990) sprak met haar in Chicago.
Billie was de dochter van Clarence Holiday (1898-1937) en Sarah ‘Sadie’ Fagan (1895-1945). Vader Clarence, aldus Downbeat, had als gitarist gespeeld in het orkest van Fletcher Henderson (1897-1952). Hij was niet ouder dan zestien jaar toen zijn dochter in Baltimore geboren werd. Het huwelijk hield geen stand. “Billie’s father remarried when she was ten”, drukte Downbeat als begeleiding af bij het interview. Toen ze opgroeide ging ze door het leven als Eleanora Fagan: ze trok met haar moeder op.

Na de Wall Street crash (1929) was het voor veel Amerikanen moeilijk om te overleven. Toen ze veertien jaar was, verhuisde het tweetal naar New York.
De verslaggever moest haar op haar eigen woord geloven: “This is the truth”, zei ze en bevestigde: “Father had left us and remarried when I was 10”. Sarah kon niet genoeg inkomsten verwerven. “Mother was a housemaid and couldn’t find work. I tried scrubbing floors, too, but I just couldn’t do it”.
Naar New York
Eleanora was naar eigen zeggen veertien jaar toen ze van stad veranderden, midden in de winter. “It was cold. Mother and I were starving”. Ze woonden, liet ze weten, in de 145ste straat, niet ver van Seventh Avenue (in het noorden van Manhattan). Geld om eten te kopen hadden ze blijkbaar niet.
Toen ik haar woorden las, moest ik denken aan de Nederlandse hongerwinter van 1944-1945, toen er in ons land een enorme schaarste aan voedsel was. “One day we were so hungry we could barely breathe”.
In de Nederlandse hongerwinter trokken de mensen naar het platteland om voedsel te zoeken. In New York ging het anders. Eleanora verliet het pand waar ze verbleven en liep in zuidelijke richting de stad binnen, op zoek naar werk en dus eten. “It was cold as all hell’, liet ze optekenen.
Misschien was er wel een of andere gelegenheid waar ze gebruik konden maken van de diensten van het jonge meisje. “I walked from 145th to 133rd down Seventh Avenue, going in every joint trying to find work”.
Alle werk leek goed, als het maar geld en dus voedsel opleverde.
Billie Holiday met haar moeder
Optreden in de Log Cabin Club
Eleanora vertelde hoe het haar verder vergaan was. Ze was wanhopig. Het meisje, 14 jaar, stapte een ‘joint’ binnen, de Log Cabin Club, die gerund werd door ene Jerry Preston.
Geld had ze niet. “I didn’t have dime”. Toch deed ze een bestelling. Anders mocht ze mischien niet binnenkomen. “I told him I wanted a drink”. Met drank had ze geen of in elk geval weinig ervaring. Ze kon de drankjes naar eigen zeggen niet van elkaar scheiden. “I ordered a gin. It was my first drink. I didn’t know gin from wine and gulped it down” – en dat op een lege maag, dacht ik toen ik het las.
Eleanora moest zien te overleven: “I asked Preston for a job”.
Wat zou ze voor hem kunnen betekenen, zal hij gevraagd hebben.
“I told him I was dancer”.
Laat maar zien, was zijn reactie, “He said to dance”.
Eleonora: “I tried it”.
Daar kwam niets van terecht. “He said I stunk”.
Auditie geslaagd
Het meisje deed nóg een poging om aan werk (inkomsten, voedsel) te komen. “I told him I could sing”.
De barman reageerde identiek: “He said: sing”.
Ze deed haar best. Wat kon ze anders doen. Het was misschien haar laatste kans. Gelukkig was er een piano in de club en zelfs een pianist. “Over in the corner was an old guy playing a piano. He struck ‘Travelin’’ and I sang”.
Eleanora, de latere Billie Holiday, wist in te spelen op het gevoel van de klanten. “The customers stopped drinking. They turned around and watched. The pianist, Dick Wilson, swung into ‘Body and Soul’”.
De jonge zangeres besefte dat ze raak geschoten had: “Jeez, you should have seen those people – all of them started crying”.
De eigenaar gaf zich gewonnen. “Preston came over, shook his head and said ‘kid, you win’”.
Zo was haar muzikale loopbaan begonnen, vertrouwde ze toe aan Dave Dexter: “That’s how I got my start”.
Een hele kip
Over de afloop vertelde Billie, dat ze nu eindelijk te eten had. “First thing I did was get a sandwich. I gulped it down”. De klanten in de club waren gul geweest. “Believe me – the crowd gave me $18 in tips”.
Eleanora dacht aan haar hongerige moeder: “I ran out the door. Bought a whole chicken. Ran up Seventh Avenue to my home. Mother and I ate that night”.
Aan al die ellende was eindelijk een einde gekomen. “We have been eating pretty well since”.
“Billie Holiday – she sang to keep from starving” kon je in Downbeat lezen. De redactie was er trots om als eerste iets van dat levensverhaal te mogen publiceren. Het was een ‘scoop’, een primeur.
Eerste plaat – met Benny Goodman in 1933
De redacteur van Downbeat keek terug op de eerste plaatopname van Billie met een ensemble onder leiding van Benny Goodman: ‘My Mother’s Son In Law’. Trombonist Jack Teagarden en drummer Gene Krupa hadden eraan meegewerkt in 1933. “The disc is an item today”, schreef Dexter in 1939, “not only because of the fine instrumental work, but because it was Holiday’s first side”.
Billie was achteraf niet enthousiast over het resultaat hoorde Dexter toen hij erover begon. “She was pretty lousy. You tell her so and she grins. ‘But I was only 15 then, and I was scared as the devil”.

Als je de tekst leest heb je het idee dat Billie op de een of andere manier ‘betaald’ moest worden om haar aan de praat te krijgen. Hoe dan ook, Dexter wist haar te ontfutselen waarom ze zong zoals ze zong. “Why does she sing like she does – what’s behind it?”
Billie legde het uit. Ze gebruikte haar stem als muziekinstrument: “I don’t think I’m singing. I feel like I am playing a horn. I try to improvise like Les Young, like Louis Armstrong, or someone else I admire. What comes out is what I feel. I hate straight singing. I have to change a tune to my own way of doing it. That’s all I know”.
Liefde
Het interview ging niet alleen over muziek. De liefde kwam eveneens ter sprake. Dexter: “You ask her one more thing, recalling how at various times Billie has been reported ready to marry”.
De journalist hoefde niet lang op het antwoord te wachten. “She shows her frankness again”. Ze hield van drie mannen, of had van hen gehouden, verklaarde Billie.
De eerste was Marion Scott, toen ze nog heel jong was: ‘When I was a kid”. Scott was niet in de muziek terecht gekomen: “He works for the post office now.”
De tweede was Freddy Green (1911-1987), gitarist in het orkest van Count Basie. Hun amoureuze contact had geen lang leven gehad omdat zijn vrouw overleden was en hij de vader van twee kinderen was. “Freddy’s first wife is dead and he has two children and somehow it didn’t work out”. Freddy had een andere echtgenote gevonden.
De derde was pianist Sonny White, liet ze weten. Evenals zij zelf woonde die bij zijn moeder. Dat was kennelijk geen basis voor een huwelijk. “Like me, he lives with his mother and our plans for marriage didn’t jell. That’s all”.

Carrière
Het artikel in Downbeat had als titel ‘I’ll never sing with a dance band again’. In 1939, zes jaar na haar debuut op de plaat, vertelde ze over haar negatieve ervaringen bij de orkesten van Count Basie en Artie Shaw. Die hadden haar ‘too many bad kicks’ bezorgd.
Dat tijdperk was voorgoed voorbij, verklaarde de zangeres, terwijl ze de ene sigaret met de andere aanstak. Van haar hart maakte ze geen moordkuil. “Ik zal je wat vertellen wat ik nog nooit iemand verteld heb”.
Met Count Basie en de muzikanten in zijn band had ze het altijd goed kunnen vinden. Maar niet met zijn zakelijke begeleiders. “Basie had too many managers – too many guys behind the scenes who told everybody what to do. The Count and I got along fine. And the boys in the band were wonderful all the time. But it was this and that, all the time, and I got fed up with it”.
Verhalen deden de ronde dat Basie haar aan de kant gezet had. Daar zou geen sprake van geweest zijn. Ze had zelf ontslag genomen. “Basie didn’t fire me; I gave him my notice”.
Weg bij Count Basie
Klarinettist en orkestleider Artie Shaw kende ze al heel lang. Artie had ook honger moeten lijden, voordat hij beroemd werd, hoorde Dexter. Ze hadden een hele tijd prima kunnen samenwerken. Maar toen het hem goed ging werd ze langzamerhand aan de kant gezet. “I had known him a long time, when he was strictly from hunger around New York, long before he got a band. At first we worked together okay, then his managers started belly-aching”.
In die tijd was het gebruikelijk dat de vokalisten van een orkest op het podium bleven zitten als ze niet hoefden te zingen. Na verloop van tijd hoefde Billie echter alleen nog maar te komen opdraven om twee songs ten gehore te brengen. En dan werd ze ‘weggewerkt’.
“Pretty soon it got so I would sing just two numbers a night. When I wasn’t singing, I had to stay backstage. Artie wouldn’t let me sit out front with the band”.
Herinneringen aan Artie Shaw
Billie, een zwarte vrouw, mocht geen gebruik maken van de gewone lift. Ze moest maar mee met de ‘goederen’ en dan in een donker kamertje wachten. “Last year [1938] when we were at the Lincoln Hotel the hotel manager told me I had to use the back door. That was all right. But I had to ride up and down in freight elevators, and every night Artie made me stay upstairs in a little room without a radio or anything all the time I wasn’t downstairs with the band, singing.
Finally it got so I would stay up there, all by myself, reading everything I could get my hands on, from 10 o’clock to nearly 2 in the morning, going downstairs to sing just one or two numbers.
Bij een optreden, dat door de radio uitgezonden werd, liep het uit de hand. Billie bleek niet meer nodig te zijn. “One night when we had an airshot, Artie said he couldn’t let me sing. I always was given two shots on each program”.
Volgens Billie was het geen incident: “The real trouble was this – Shaw wanted to sign me to a 5 year contract and when I refused, it burned him. He was jealous of the applause I got when I made one of my few appearances with the band each night”.

De reporter vroeg zich af waarom Billie niet meer plaatopnames gedaan had met het orkest van Artie Shaw. Volgens hem had ze haar stem alleen maar mogen laten horen in ‘Any Old Time’. En dat had ze geweldig goed gedaan”.
Artie Shaw had haar nooit betaald voor haar bijdrage, gaf ze ten antwoord. “He has never paid me for that record”. Als ze platen onder haar eigen naam maakte kreeg ze 150 dollar uitbetaald. En bij Artie niets. Als ze optrad met zijn orkest ontving ze 65 dollar per week. Dat was 10 dollar minder dan bij Count Basie. Billie had genoeg gekregen van zijn gedrag, ook al door de manier waarop ze door zijn managers behandeld werd.
Bij een toernee was het tot een uitbarsting gekomen. In de auto van Shaw gingen ze op weg naar een volgend concert. Die middag passeerden ze een oude man met een baard. Ze zaten met een groepje mannen in de auto: Billie, Artie en Chuck Peterson, George Arus, Les Jenkins en meer. Billie vroeg de orkestleider of hij ooit een baard had laten groeien. Dan zou hij er heel anders uitgezien hebben, voegde ze eraan toe.
Tot hun verbazing hoorden ze Artie zeggen dat hij lange tijd een baard gehad had. Dat was vóór hij van de muziek zijn beroep gemaakt had: “When I was farming my own farm a few years back”.
Om hem te plagen ging ze door op het onderwerp. “I was just joking, to make conversation on a long drive”. Zag hij er goed of slecht uit met die baard, vroeg ze hem.
Billie kon zich het antwoord nog goed herinneren: “Indeed I did look fine with a beard. I looked exactly like Jesus Christ did when he was young”.
In het interview met Dave Dexter stak Billie een nieuwe sigaret aan. De opmerking van Artie Shaw had iedereen in de auto aan het lachen gebracht. “We got a bang out of it. Artie looked mad, because he had been serious”.
Bij die gelegenheid werden de orkestleider en door haar geduid als de ‘king of clarinet and his band’. Zo was het gebleven. “The story got around Boston and even today, we hear a lot of the musicians refer to Artie as ‘Jusus Christ and his Clarinet’”.
Artie Shaw en Billie Holiday in 1938
Alvorens het artikel te publiceren mocht Shaw comentaar geven. In alle toonaarden ontkende hij dat Billie geen geld ontvangen zou hebben voor de plaatopname. “Billie’s claim of nonpayment for her record is ridiculous. She certainly was paid. Her charge is preposterous”.
Dave Dexter
Dexter vroeg de zangeres in 1939 hoe ze haar toekomst zag.
Billie reageerde met de opmerking dat ze nog lang niet tevreden was. Ze wilde verder komen in haar loopbaan. “She wants to get somewhere. Maybe on the stage. She wants to make money – a lot of it. She wants to buy a big home for her mother”.
Gelukkig worden bestond voor haar niet. “She doesn’t expect any happiness – she is used to hard knocks, tough breaks”.
Als ‘zwarte’ artiest (a ‘coloured singer’), besefte ze, lag het grote succes niet voor het oprapen. Ze was jaloers op collega Maxine Sullivan (1911-1987) en anderen die veel zo veel meer bereikt hadden dan zij.
Billie Holiday hoopte op een echte doorbraak. “Someday, she thinks, she’ll get a real break”. Maar optimistisch was ze niet. “She’s not very optimistic about it. Billie Holiday is convinced the future will be as unglamorous and unprofitable as her past”, aldus Dave Dexter.
Het zou anders uitpakken…
Historical marker in Philadelphia
Harry Knipschild
21 maart 2026
Clips
* Benny Goodman, zang Billie Holiday, Mother's Son In Law, 1933
* Count Basie, zang Billie Holiday, God Bless The Child
* Freddie Green, Them Their Eyes, 1938
* Artie Shaw, zang Billie Holiday, Any Old Time
* Interview Billie Holiday in Zweden, 1954
Literatuur
Dave Dexter, ‘I’ll never sing with a dance band again’, Downbeat, 1 november 1939
‘Billie Holiday – she sang to keep from starving’, Downbeat, 1 november 1939
‘Artie Shaw denies it’, Downbeat, 1 november 1939
Billie Holiday, William Dufty, Lady sings the blues. Het leven van Billie Holiday, Rainbow 1993 (1956), vertaling Martin Schouten
David Margolick, Strange Fruit. Billie Holiday, Café Society and an early cry for civil rights, Cannongate 2000 (2000)
- Raadplegingen: 475
