581 - Tower – een grote Amerikaanse platenwinkel
Tientallen jaren ben ik [HK] werkzaam geweest in de muziekindustrie. Op vele terreinen heb ik ervaring opgedaan, vooral in diverse functies bij platenmaatschappijen. Dat is in zekere zin een eenzijdige blik. Platen moesten aan de consument verkocht worden. Dat deden de bedrijven niet zelf. Ze schakelden ‘tussenpersonen’ in. Bij een winkelier bijvoorbeeld kon je naar binnen stappen en de plaat aanschaffen die je wilde hebben. Een gedeelte van de verkoopprijs ging naar zo iemand, zijn marges lagen vaak in de orde van grootte van 30 procent.
Ik praat nu over de Nederlandse situatie, zoals ik die zelf heb meegemaakt. In Maastricht de Harp of Woepen, elders in het land Roeks, Dankers, Van Leest en niet te vergeten later de Free Record Shop-keten van Hans Breukhoven. Overal vond je platenwinkels, tot in de kleinste dorpen en winkelcentra. Platen kon je ook kopen in een warenhuis als Vroom en Dreesmann: jarenlang was Hans Puls leidinggevend in de retail.
Russ Solomon
In Amerika gebeurde veel in het groot – ook bij verkopers van muziekdragers. Over één van hen, Russ Solomon, wil ik het in dit artikel hebben. De joodse ondernemer zette Tower Records op en werd multi-miljonair.
Russell Malcolm Solomon, zoals hij formeel heette, werd op 22 september 1925 geboren in San Francisco. Zijn ouders hadden in Sacramento (hoofdstad van Californië) een winkel waar je van alles kon kopen: Tower Cut Rate Drugs.
Leren was niets voor Russ. Op zestienjarige leeftijd werd hij van school gestuurd en ging werken in de winkel van zijn vader. Vanwege de Tweede Wereldoorlog was hij bovendien actief bij de Amerikaanse luchtmacht.

In de de Amerikaanse ‘winkel van sinkel’ kon je ook grammofoonplaten kopen, grote 78 toeren-schijven. Het was het tijdperk van orkesten met voormannen als Harry James, Tommy Dorsey, Benny Goodman en Glenn Miller. Die muziek was populair bij zijn leeftijdgenoten.
Vader Solomon kocht tweedehands platen op, die eerder in jukeboxen hadden gezeten. Na een tijdje werden die eruit gehaald en vervangen door nieuwe muziek. Russ: “We had a soda fountain in the drugstore, and the soda fountain had a jukebox. We would buy the used records from the jukebox operator for three cents and sell them for a dime [10 cent]”. Een flinke winstmarge dus.
Van het een kwam het ander. Solomon senior vertelde zijn zoon: “If we can sell used records, why don’t we sell new records and see what happens”.
Russ: “Since I happened to be around, I was elected to run it”.
Dat krijg je als je niet naar school gaat.
Benny Goodman
Winkelervaring
De winkelier investeerde 250 dollar in de aanschaf van nieuwe schijven. Hij kocht ze in voor 21 cent, soms iets meer. Ze gingen de deur uit voor 35 tot 50 cent. Op een goed moment hadden ze ruim 2.000 platen in voorraad. Potentiële klanten mochten die ter plekke eerst afdraaien alvorens tot de koop over te gaan, kon hij zich later herinneren.
Russ liet zich overhalen om rackjobber te worden. Iemand van een platenmaatschappij of distributeur zette dan een bak of rek met platen in de winkel neer zonder dat je die als winkelier hoefde te betalen. Pas als ze verkocht waren moest je afrekenen.
Weinig risico maar ook geringe marges. “For Solomon the Fifties were not a prosperous period. Early in the decade, he became a rack jobber – one of the guys who put hit records into the racks or record sections found in department stores, discount stores, drugstores, grocery stores and so on”.
Rock & roll
Volgens Russ was radio aanvankelijk niet alles bepalend voor de verkoop van grammofoonplaten. “Radio was not a factor in the Forties. Not a factor until 1955”.
De doorbraak van de rock & roll, met name die van Elvis Presley, zorgde voor een revolutie, ook in verkoop van plaren. “There was a huge change overnight. Everybody was interested. At the same moment, Top Forty radio came into play. As a result, there was a very dramatic change in the way you perceived selling records. Your hit titles became more and more important.
Before that, everything limped along. You got a hit once in a while, but it was a little dull. Didn’t get the numbers out of the hits. Didn’t get the frantic adulation. But Elvis tied into the baby boom. By 1955, the kids born during the war were already twelve years old. So that whole group of people came into the record-buying stream and were looking for something to happen, and sure enough it happened. Rock & roll essentially happened”.
San Francisco
Ondanks de groei van de muziekmarkt ging het niet best. De marges waren te gering. Russ, later: “Young, stupid, inexperienced, I forgot you were supposed to make a profit – that was my major problem”. De jonge ondernemer kreeg geen nieuw product meer aangeleverd en moest het bijltje er in 1960 zelfs bij neergooien.
Russ liet het er niet bij zitten. Hij wist 5000 dollar te lenen en begon opnieuw, nu gewoon als handelaar. Dat ging al snel goed. “I went back into the retailing business. It was just a matter of getting some more records and selling them. Start very small and put one foot in front of the other”.
Russ had zijn lesje geleerd. Platen moest je niet verkopen in een hoekje van een supermarkt of zo. Je moest je specialiseren in het vak. Wie een platenwinkel binnenliep moest te maken krijgen met deskundig personeel. “Kids didn’t want to buy records in a grocery store or a discount house. They wanted to buy records in a record store where the guy standing behind the counter understood what they were talking about”.
Dat werkte. Het duurde niet lang of de jonge verkoper zette een tweede Tower-speciaalzaak op in Sacramento.
Daar bleef het niet bij. In 1968 begon hij ook een winkel in San Francisco. “One morning in 1968, nursing a hangover at a diner in San Francisco, he looked up from his breakfast and spied what he called a ‘vacant, derelict building’ near Fisherman’s Wharf. He quickly rented it”.
Het tijdstip had niet beker gekund. “The store opened just as the golden age of San Francisco rock was peaking”. Later vertelde Solomon: “The whole Fillmore scene was going, the whole music scene was going, the whole dope scene was going”.
De joodse ondernemer was van de partij toen rockmuziek van de Amerikaanse westkust aan het doorbreken was. Muziek van groepen als Jefferson Airplane (met Grace Slick), Big Brother (met Janis Joplin), Doors (met Jim Morrison), Creedence Clearwater Revival (met John Fogerty). Geluk of visie?
In een ander artikel kon je lezen: “It was an instant sensation in the heart of the hippie and music scene, capitalizing on the 1967 Summer of Love. At 5,000 square feet, the store was small by later company standards, but it set a formula for the future: wide selections and discounted prices”.

Warenhuizen
Russ Solomon durfde het aan om steeds nieuwe stappen te zetten, allereerst in Californië. Los Angeles (Hollywood) volgde meteen na San Francisco.
Bovendien bracht hij eigen ideeën in de praktijk. Een platenwinkel van Tower stapte je niet zo maar binnen. Je werd opgevangen door deskundig personeel, zoals ik al eerder geschreven heb. Een platenwinkel was geen winkel maar een platenwarenhuis. De selectie was onvoorstelbaar groot. Een journalist beschreef het als volgt: “With marketing instincts that even rivals and critics called ingenious, Mr. Solomon built megastores, some bigger than football fields, and stocked them with as many as 125,000 titles, virtually all of the popular and classical recordings on the market”.
Russ had meer ideeën. Tijdens kantooruren luisterde je meestal niet naar muziek. Dat deed je vaak na afloop. Het was daarom van belang de winkel de hele avond open te houden – tot middernacht. “Open all year from 9 a.m. to midnight, staffed by hip salespeople who could answer almost any question about recordings, the stores became the haunts of music aficionados scouring endless racks for rock, heavy metal, jazz, blues, standards, classicals, country-westerns and myriad other offerings.
Solomon takes pride in stocking ‘deep catalog’, which means not only that you can find albums by both superstars and obscure artists in his stores, but that you’ll even find most of a group’s albums, not just the new one. There are record bins full of jazz and country, blues and rock, pop and soul, African and reggae, classical and Broadway, oldies and imports. A whole section of the store is devoted to twelve-inch dance records”.
Bij Tower ging je niet alleen binnen om de nieuwste hit aan te schaffen. Voor de muziekliefhebber moest het een feest zijn. Russ deed er bovendien alles aan om de platen zo goedkoop mogelijk te verkopen. Waarschijnlijk kon hij door zijn sterke marktpositie voordelig inkopen.
Beatles te koop bij Tower
Jong blijven
De sfeer moest goed zijn, jeugdig, ‘ongedwongen’. Dat was ook de ervaring die Michael Goldberg had toen hij voor het blad Rolling Stone een artikel aan Tower Records wijdde. Gaandeweg had hij dat geleerd. “If you think this is thought out carefully in advance, you’re wrong. It isn’t. It’s kind of an accident of fate”.
Toen de popjournalist een bezoek bracht aan het kantoor van Solomon, inmiddels op middelbare leeftijd, kreeg hij te horen: “The record business keeps you thinking young, ’cause you have an association with what’s coming instead of what’s been. And there’s something new happening every day. New music. New ideas. New configurations. New this, new that. That’s fun. If I look around at the people who are my age, they act awful old. I don’t know if I act old or not. But somehow, my state of mind isn’t very old”.
Goldberg omschreef het kantoor van de ondernemer als volgt: “Russ Solomon is sitting in his upstairs office at Tower’s Sacramento headquarters. He’s wearing jeans and a short-sleeved shirt and sipping from a glass of wine. Psychedelic posters cover the walls of his office, and there’s a wooden Indian head off to one side. Members of his staff casually wander through the office to a refrigerator in the back and return with beers in hand”.
Stropdassen weg
Het dragen van een stropdas was ‘verboden’. Dat was veel te formeel. In een artikel kon je lezen: “When a record executive pays Russ Solomon a visit, he generally winds up leaving with one less article of clothing. The reason: Solomon likes to steal their ties.
‘I started doing that about ten years ago’. People would come to California for conventions, and they’d be dressed up with suits and ties. So I’d say, ‘Come on, you’re in California, and no one wears ties in California’. And I started relieving them of their ties and keeping them. Pretty soon, it got to be a tradition. I’ve got hundreds of them now’”.
Toen ik dat las moest ik denken aan Ringo Starr bij zijn optreden in het tv-programma ‘Voor de vuist weg’ van Willem Duys (1976). Tijdens het interview haalde de ex-Beatle een schaar tevoorschijn en knipte de stropdas van de presentator doormidden. Zou hij dat van Russ Solomon geleerd hebben?
Herb Alpert (van A&M Records) en Walter Yetnikoff (Columbia Records) hoorden eveneens tot de ‘slachtoffers’.
Ringo Starr en Willem Duys
Artiesten over de vloer
Ook heel wat artiesten lieten zich zien bij de vestigingen van Tower Records, die overal in de Verenigde Staten en elders in de westerse wereld uit de grond gestampt werden, met name in de grote steden. Lou Reed, Vladimir Horowitz, Hall & Oates, Bette Midler, Michael Jackson, Bruce Springsteen, Elton John werden genoemd.
Over die laatste artiest liet hij optekenen: “Our favorite regular was Elton John. He probably was the best customer we ever had. He was in one of our stores every week, literally, wherever he was – in Los Angeles, in Atlanta when he lived in Atlanta, and in New York”.
Soms kwam de hele cast van een Broadway-show langs in de vestiging van New York. De grote baas formuleerde het met de woorden: “What we are trying to do is create an atmosphere and environment that makes people want to stay around and see what’s going on. If they do, they’re bound to buy something”.
Elk warenhuis had zijn eigen inkoopbeleid. Welke platen besteld werden, dat was de beslissing van het personeel ter plekke. De mensen daar konden de smaak beter overzien dan op een ‘hoofdkantoor’. Bureaucratie werd zo uit de weg gegaan.
Elton John koopt bij Tower
Het ging er allemaal ongedwongen aan toe. “While staff wages were relatively low, the workers were given unusual fringe benefits, including parties with live bands and opportunities to mingle with musicians, promoters, record company executives and radio and television personalities, Mr. Solomon said. And in the 1960s and ’70s, he said, employees were given time off to attend protests against the Vietnam War.
‘It was the right thing to do. We had to be with the scene. It was important to us and to them’”, kon je na een aantal jaren uit zijn mondhoren.
Geen crisis na 1978
Was er dan nooit een tegenslag vroeg menige journalist zich af. In de periode na ‘Saturday Night Fever’ en ‘Grease’ (1978) ging het toch slecht in de muziek business. Die vraag kreeg de inmiddels op leeftijd gekomen winkelier voorgelegd.
Volgens hem hadden de grote platenconcerns inderdaad problemen gehad. Het was hun eigen schuld, vond hij. De mensen daar waren te ‘hebzuchtig’. Bij Tower was dat niet het geval, verkondigde hij. “Prior to 1978, and even up through 1979, the record industry had a tendency to oversell. They pumped more merchandise into the market than the market could absorb, and all that merchandise came back as returns. As a result of those returns, their figures looked terrible. But when you look at the chain retailers, or even the independent retailers, our collective business went merrily on its way. We sold as much as we did in the prior years and more. Every year”.
Prijs laag houden
Russ Solomon op de werkvloer
Zoals eerder aangegeven wilde Tower de prijs van albums zo laag mogelijk houden. Daarin verschilde Solomon van de beslissers bij de platenmaatschappijen, die bovendien onder druk gezet werden door popartiesten en hun managers. “Every now and then, greed crops up in its inevitable, evil way. There have been some unusual price raises through the years that weren’t necessary. I think it’s the fervent wish of all the record companies that they could raise prices tomorrow and pick up an extra fifty cents or a buck on everything they sell. Thank God that cooler heads prevail”.
Over de opkomst van de compact disc hoorde je hem later nauwelijks. De liefhebbers wilden naar muziek luisteren, op welke manier dan ook. “We’re not selling records; we’re selling programming material. We never sold records. We never sold tape. We never sold Compact Discs or videotapes. We only sell music and video programming. And it doesn’t make a damn bit of difference whether records disappear. The 78 disappeared. Who cares? What we have now is a much better product. Compare a CD to a 78, and you’ve got a real surprise coming to you”.
Vanwege de klantenbinding gaf Tower het tijdschrift Pulse uit – gratis.
Met het thuis kopiëren op cassettebandjes leek de ondernemer evenmin moeite te hebben. “I don’t agree with the record companies’ paranoia on that”. Volgens hem was dat slechts een paar procent van de omzet. Bovendien zorgde het thuis kopiëren voor het ontstaan van muziek-apparatuur in auto’s en de walkman.
Solomon: “Blank taping is the Hamburger Helper of the music business’. The record that you’re taping is a record that you very well may have bought. You tape a copy for your car. But a lot of people find it inconvenient and time-consuming to tape on a regular basis, so they end up taking the easy way out. They buy the tape. That’s what seems to be happening. We’re not selling a blank tape at the expense of selling a record”.
Eeuwige hippie?
In 1987 was Solomon 62 jaar. Hij werd soms ‘koning Solomon’ genoemd vanwege zijn imperium. Jim Sullivan in de Boston Globe: “Bearded, bald on top, he sports grayish-white hair that cascades down around his shoulders. He takes the King Solomon references in stride and seems mildly amused by them. He does not, however, act anything like royalty.
It could also be argued that Solomon, dressed casually in a pale blue shirt and tan slacks, doesn’t act like the president of a major company.
For example: An employee enters his office. She has a problem that needs quick attention. ‘You, as a big corporate person, she begins.
Solomon cuts her off: ‘Me, as a big corporate person. Thanks a lot’”.
Een jaar later liet hij Steve Geissinger van de Los Angeles Times weten: “I guess you could say I’m wealthy, but I don’t have the trappings of a multimillionaire”.
De journalist schreef: “The 62-year-old record czar with longish white hair and a full beard, whom the media have dubbed ‘King Solomon’, started out selling records in his father’s Sacramento drugstore in 1952.
His international chain now has 53 record stores, with a sales volume that makes it second in the world, behind Musicland. Together with book, videotape and art stores, his outlets total more than 100.
But don’t look for Solomon on TV shows celebrating life styles of the wealthy and well known.
He dressed for the office one recent day as if he might be headed outside for yard work, said he doesn’t care about collecting boats, planes or cars, and lives in a condominium because he hasn’t found time in the last three years to break ground on a house he plans to have built”.
De tycoon was inmiddels gescheiden van zijn vrouw. Zijn zoon, Michael, die rechten gestudeerd had, stond hem terzijde. Russ besefte dat hij risico’s liep. “It’s like climbing up a mountain. It’s a little bit dangerous to do; a lot dangerous. But risk is part of the adventure”.
Michael Solomon - een nieuwe generatie
Over de top
Het lijkt erop dat Tower Records langzamerhand over zijn hoogtepunt heen was. Adviseurs hadden hem aangeraden naar de beurs te gaan om zo over meer bedrijfskapitaal te kunnen beschikken. Dat had hij niet gedaan. In plaats daarvan had de ondernemer geld geleend, veel geld. De schuldenlast bracht hem in de problemen.
Ook op een andere manier had hij de tijdgeest verloren. Steeds meer muziekliefhebbers kregen andere luistergewoontes. In plaats van gebruik te maken van cd’s of wat dan ook, gingen ze af op het internet of bestelden online. Ze hoefden niet meer naar een winkel of warenhuis. Wat we vandaag de dag streamen noemen kwam in gebruik. Op die ontwikkeling had de platenverkoper niet tijdig ingespeeld. Daar zat hij dan met zijn panden, zijn enorme hoeveelheid fysieke geluidsdragers en zijn deskundige personeel.
Ten onder
Russ Solomon op leeftijd
Robert McFadden in de New York Times: “Tower never went public. ‘That was the dumbest thing I ever did’, Mr. Solomon conceded. Selling stock might have paid for further expansion. Instead, he borrowed to finance more stores, and his debt swelled to $300 million.
In 1999, Tower sales topped $1 billion, but its financial tailspin had already begun. The company lost $10 million in 2000 and $90 million in 2001.
Mr. Solomon sold and closed stores and converted others to franchises. At the same time, the music business went into a slump. Tower declared bankruptcy in 2004, and in 2006 it was forced to liquidate and close.
Mr. Solomon acknowledged that he had underestimated the internet’s threat to store retailing. Pirates downloaded music without paying for it, and paying customers turned to online vendors and price-cutters like Wal-Mart and Best Buy. The owner blamed himself. ‘I was overextended’, Mr. Solomon said. ‘I was swamped by the debt’”.
Na de val van Tower in 2006 – dat jaar ging het licht in Sacramento uit volgens de plaatselijke krant – probeerde Solomon nog in het klein te overleven – vergeefs. Bovendien liet zijn gezondheid hem in de steek. In 1998 had hij al een hartoperatie moeten ondergaan.
Aan het einde van zijn leven werd Russ nog op diverse manieren in het zonnetje gezet. In 2015 verscheen er een film over zijn avontuurlijke leven. Dat eindigde op 4 maart 2018. Russ was 92. Hij stierf met een glas whiskey in de hand. Zoon Michael vertelde aan een redacteur van de Sacramento Bee: “He was watching the Academy Awards ceremony Sunday night at his Sacramento-area home when he was stricken. He was giving his opinion of what someone was wearing that he thought was ugly, then asked (his wife) Patti to refill his whiskey. When she returned, he had died”.
De krant van Sacramento eindigde de gebruikelijke necrologie als volgt: “Michael said his father will be remembered as a ‘charismatic, common-sense entrepreneur’ who engendered the love of all who worked for him. ‘He was sort of a Pied Piper’, he said. ‘People followed him and adored him. They wanted to do what he wanted’”.
Russ Solomon werd 92 jaar.

Harry Knipschild
26 februari 2026
Clips
* John Lennon en Tower Records
Literatuur
Michael Goldberg, ‘Tower Records: The Wisdom of Solomon’, Rolling Stone, 22 november 1984
Jim Sullivan, ‘Tower Records: The Power of Twer’, Boston Globe, 29 november 1987
Steve Geissinger, ‘How Sacramento Solomon Built a Tower of Vinyl Out of Father’s Store, Los Angeles Times, 12 maart 1988
Alana Samuels, ‘Tower Records to Sell Off Inventory’, Los Angeles Times, 7 oktober 2006
Lynn Hirschberg, ‘Tower’, New York Times, 2 september 2007
Robert D. McFadden, ‘Russ Solomon, Founder of Tower Records, Dies at 92’, New York Times, 5 maart 2018
Dick Kasler, Bob Shallit, ‘Founder of Tower Records dies at 92 while drinking whiskey and watching the Oscars’, Sacramento Bee, 5 maart 2018
Jet van Wijk, ‘Russ Solomon (1925-2018) vond de megastore uit, en droeg hem ook weer ten grave’, Trouw, 12 maart 2018
- Raadplegingen: 396
