Zoeken


Halverwege de sixties schreef ik regelmatig over country & western en folk music. In juli 1965 plaatste het popblad Teenbeat een stukje over Roger Miller (1936-1992). Het door hem geschreven ‘King of the Road’, geproduceerd door Jerry Kennedy en uitgebracht op Smash Records, was zijn grote hit.
 
Bij de Grammy Awards van 1966 kwam Roger Miller als winnaar te voorschijn in de volgende rubrieken:
* Best country & western album (‘The Return of Roger Miller’)
* Best country & western single (‘King of the Road’)
* Best country & western song (‘King of the Road’)
* Best country & western vocal performance – male (‘King of the Road’)
* Best country & western vocal performance – female (‘Queen of the House’, Jody Miller, antwoordplaat)
* Best contemporary rock & roll male vocal performance (‘King of the Road’)
* Best contemporary rock & roll single (‘King of the Road’)
   Roger Miller sleepte dat jaar meer Grammy Awards in de wacht dan wie ook.
 


Roger Miller

 Bij de Grammy Awards van 1965 won Roger Miller in de rubrieken:
* Best country & western album (‘Dang me/Chug-a-lug’)
* Best country & western single (‘Dang me’)
* Best country & western song (‘Dang me’)
* Best country & western vocal performance (‘Dang me’)
* Best new country & western artist
 
Hier volgt mijn Teenbeat-artikel uit 1965:
 

Roger Miller: ook op de Nederlandse hitparade

 
Het komt niet vaak voor dat we in de Nederlandse top-veertig verrast worden door country & western muziek. Niet vaak, maar nu toch wel. Want naast een geweldige belangstelling voor de zgn. folkmusic (Amerikaanse volksmuziek in een min of meer pittig en commercieel jasje gestoken), die nu ook in Nederland geweldig op gang komt dank zij Bob Dylan, Donovan en de Seekers, is ook de country muziek hier sterk in opkomst.
   Dat hebben we dan allemaal te danken aan mannen als Jim Reeves, Buck Owens (misschien op het komende ‘Grand gala du Disque’), Johnny Cash en zeker niet in de laatste plaats aan meneer Roger Miller.
 
Al enkele maanden terug steeg Rogers ‘King of the road’ zo verbazend snel en hoog op de Amerikaanse hitlijsten van Billboard en Cashbox dat een Nederlandse hit niet tot de onmogelijkheden leek te behoren (mede gezien het feit dat hij al een kleine groep aanhangers hier had), vooral toen we de plaat konden beluisteren en moesten toegeven dat hij deze keer dat hij deze keer wel bijzonder origineel en muzikaal voor de dag was gekomen. Het heeft toen nog langer geduurd dan de algemene verwachting was, maar dat is een lang verhaal.
   Het is voor velen niet onbekend dat die Roger Miller zeker geen beginneling in het vak is. Hij vecht al jaren om zich een vaste plaats in de moeilijke en harde wereld van de showbusiness te verwerven, niet alleen als zanger maar ook als schrijver van liedjes en bijbehorende teksten. En zeker niet te vergeten als humorist en parodist!
 

Jim Reeves en Andy Williams zingen songs van Roger Miller

 

 
Toen Albert Meerholz van de Dutch Stickbuddy Club zo’n dikke vijf jaar terug als vertegenwoordiger van het Nederlandse country & western legioen WSM, de ‘Grand Ole Opry’ en Nashville, het centrum van alles wat met C&W te maken heeft, bezocht, sprak hij even met Roger, toen eigenlijk nog volslagen onbekend voor hem. Hij had nog niets bereikt op grammofoonplatengebied en slechts enkele artiesten – zij het wel bekende figuren als Jim Reeves en Ernest Tubb – hadden een of meer Miller-songs op hun repertoire staan.
   Toch zou hij in datzelfde jaar nog triomfen vieren en wel o.m. met zijn nummer ‘(In the Summertime) You don’t want my Love’, dat werd opgenomen door Andy Williams en door hem tot hoog op de Amerikaanse hitparade gezongen. Het was een mooi succes en het bezorgde hem al heel wat faam (ook in Europa via radio Luxemburg), wat een platencontract met RCA Victor – toen de grootste Amerikaanse maatschappij – en goede contacten in de muziekuitgeverijen opleverde.
   De eerste platensuccessen kwamen zo ongeveer in 1961. Het waren nog geen wereldhits van allure maar in country & western kringen begon men nu toch wel ontzag te krijgen voor de laconieke jongeman uit Fort Worth en liedjes als ‘When two worlds collide’ haalden ereplaatsen op de C&W hitlijsten wat toch altijd neerkomt op de verkoop van minstens 100.000 stuks.
 

Doorbraak met ‘Dang me’, op Smash Records

 

 
Het eerste grote succes kwam natuurlijk toen Roger Miller het grote RCA label de rug toedraaide (normaal gebeurt precies het omgekeerde!) en de Smash-gelederen – met o.a. Jerry Lee Lewis en Dickey ‘Patches’ Lee – ging versterken, hier vertegenwoordigd door Philips.
   Al heel gauw was het helemaal raak: in juli van vorig jaar verscheen hij voor het eerst in de Amerikaanse nationale toptien – met het gekke ‘Dang Me’ een plaatje boordevol mondklanken voorzien van ritmische gitaarbegeleiding, zogenaamd (d.i. volgens de publiciteitsbronnen) geschreven en opgenomen in amper vijf minuten. Het was een nationaal succes en in Europa was ‘Dang Me’ niet aan de bekende straatstenen kwijt te raken. Toch zou het me niet verbazen als we nog eens een Nederlandse versie gaan krijgen, daar leent zo iets zich altijd voor.
   Het lag nu eigenlijk voor de hand dat een tweede plaatje in hetzelfde straatje niet zo’n succes zou worden, maar ‘Chug a lug’ bewees dat het tegendeel waar was. Hij kwam zelfs hoger nog dan ‘Dang Me’, haalde de U.S.A. top 5 maar weer lukte het niet aan deze kant van de Oceaan. Daarna kwam dan ‘Do wack-a-do’ maar dat was weer in het hetzelfde straatje, teveel zelfs voor de Amerikaanse liefhebbers en het werd een vrij gote ‘flop’.
 

King of the road: autobiografisch

 
Gelukkig begreep Roger Miller dat hij nu met iets nieuws moest komen, wilde hij niet definitief de terugweg inslaan. En die nieuwe plaat, dat werd dan ‘King of the Road’, de plaat waarop hij zo’n beetje de draak steekt met z’n eigen loopbaan. Want Roger Miller heeft voor z’n eerste succes voortdurend in de diepste armoede geleefd. Hij was werkelijk de man die om elke (dollar)-cent verlegen was, peukjes moest oproken en al die dingen meer die hij op de plaat vertelt.
   Dat is beslist géén publiciteitsstunt. Hij heeft moeten vechten om zijn eerste successen te behalen en hij schaamt er zich nooit voor dat hij zich uit het niets heeft moeten opwerken. In elk geval steeg ‘King of the Road’ tot niet eerder vertoonde hoogten. Maar ondanks allerlei voorspellingen deed de markt in Europa weer niets!
   En wat iemand voor z’n carrière moet over hebben, laat het volgende verhaal zien. Roger moest en zou ook triomfen in Europa vieren. Daarom vertrok hij onmiddellijk nadat hij getrouwd was naar Engeland, trad daar in een paar dagen tijd in liefst acht populaire Engelse tv-shows op (waaronder ‘Thank your lucky stars’ en ‘Ready steady go’-live) en nog meer radio-programma’s en pers-conferenties en veroverde op deze adembenemende manier aller harten.
   In een ommezien stond ‘King of the Road’ bovenaan de hitparade en als het hem eventjes meezit ook hier in Nederland, waar de belangstelling voor z’n typische plaatjes helemaal is overgewaaid.
 

 
Intussen arriveerde in de Amerikaanse toptien alweer een nieuwe. Hij heet ‘Engine Engine no. 9’ en mag min of meer als een vervolg gezien worden op ‘King of the Road’. Persoonlijk vind ik deze plaat echter niet zo geslaagd en ik zie er dan ook geen hit hier in.
   Interessant is het ook te melden dat de antwoord-plaat ‘Queen of the House’ ook een enorm succes is geworden. Hij staat deze week op nummer 12 (met stip) en zal op het tijdstip dat u deze Teenbeat leest wel hoger gekomen zijn. Daarmee heeft Capitol’s Jody Miller dan bewezen dat je met een goede en originele antwoordplaat ook geweldige dingen kunt doen.
 


 

 

Grammy Awards in 1965

 
Roger Miller is nu een gevierd artiest. Hij kreeg pasgeleden meer Grammy Awards dan hij kon dragen, wat op zich weer een enorme publiciteit met zich meebracht.
   Het ziet er dan ook naar uit dat Mr. Miller in de toekomst een blijver kan blijken te zijn. Hij is origineel en dat doet het altijd, zeker bij het Amerikaanse publiek. Hij moet alleen oppassen dat hij niet te veel in reprises vervalt. Doet hij dat, dan zullen we nog heel wat geweldige hits tegemoet kunnen zien, hits die de country & western muziek aanvaardbaar zullen maken voor een nog groter publiek.
 

***

 
Andere winnaars in het jaar 1966 waren:
* ‘A Taste of honey’ (Herb Alpert), best instrumental performance
* ‘An evening with Harry Belafonte and Miriam Makeba’ (best folk recording)
* ‘Papa’s got a brand new bag’ (James Brown), best rhythm & blues recording
* ‘I know a place’ (Petula Clark), best contemporary rock & roll female vocal performance
* ‘Ellington ’66’ (Duke Ellington Orchestra), best jazz performance, large group
* Tom Jones (best new artist)
* ‘The In Crowd’ (Ramsey Lewis Trio), best jazz performance, small group
* Frank Sinatra, ‘September of my years’ (best album)
* ‘Flowers on the wall’ (Statler Brothers), best contemporary rock & roll group vocal performance

Grammy voor James Brown

 

 

***

 
In 1966 wel genomineerd maar niet in de prijzen:
* Joan Baez (‘There but for fortune’)
* Fontella Bass (‘Rescue me’)
* Beatles (‘Help’)
* Tony Bnnett (‘The shadow of your mmile’)
* John Coltrane (A love supreme’)
* Sam Cooke (‘Shake’)
* Jackie Deshannon (‘What the world needs now is love’)
* Lesley Gore (‘Sunshine, lollipops and rainbows’)
* Herman’s Hermits (‘Mrs Brown you’ve got a lovely daughter’)
* Michel Legrand (‘The umbrellas of Cherbourg’)
* Barbara Lewis (‘Baby ‘I’m yours).
* New Christy Minstrels (Chim chim cheree’)
* Peter, Paul & Mary (A song will rise’)
* Wilson Pickett (‘In the midnight hour’)
* Jim Reeves (‘Is it really over’)
* Sam the Sham and the Pharohs (‘Wooly Bully’)
* Pete Seeger (‘Strangers and cousins’)
* Supremes (‘Stop! in the name of love’)
* Temptations (‘My Girl’)
* Mikis Theodorakis (‘Zorba the Greek’)
* Johnny Tillotson (‘Heartaches by the number’)
* Jr. Walker & The All Stars (‘Shotgun’)
* We Five (‘You were on my mind’)
* ‘Yesterday’ (John Lennon & Paul McCartney)
 


Geen Grammy voor 'Yesterday' en de Beatles in 1966

 
Harry Knipschild
15 maart 2015
Met dank aan Bert Bossink voor de het beschikbaar stellen van de tekst

Clips

Andy Williams en Roger Miller, In the summertime you don't want my love
* John Coltrane, A love supreme
* Roger Miller, Dang me en interview, 1964
* Joan Baez, There but for fortune
* Roger Miller. King of the road, 1965
* Jody Miller, Queen of the house, 1965
* Ramsey Lewis, In Crowd, 1965
* Temptations, My Girl, 1965
* Beatles, Yesterday, West-Duitsland
* Statler Brothers, Flowers on the wall
* James Brown. Papa's got a brand new bag, Parijs, 1967