Zoeken


 
Popartiesten met veel talent maken het vaak al als ze nog heel jong zijn. Een goed voorbeeld uit de begintijd van de popmuziek was (Little) Brenda Lee die op 12-jarige leeftijd in 1957 scoorde met ‘One step at a time’ en ‘Dynamite’. Klassiek is de loopbaan van Michael Jackson (1958-2009) die in 1969 als lid van de Jackson Five voor het eerst van zich liet horen in het nummer ‘I want you back’ en daarmee meteen zijn visitekaartje voor de toekomst liet zien.
   Michael Jackson was niet het eerste jonge idool waarmee Motown Records met succes aan de weg timmerde. Op 21 mei 1963 bracht de platenmaatschappij van Berry Gordy de single ‘Fingertips’ op de markt. De artiest, Little Stevie Wonder, was slechts dertien jaar eerder geboren. ‘Fingertips, part 2’, een in 1962 live opgenomen nummer, bereikte in 1963 meteen de bovenste plaats van de Amerikaanse hitlijsten. De elpee ‘Recorded Live. The 12 Year Old Genius’ haalde die zelfde positie in de album-charts van Billboard.
 


Berry Gordy en Stevie Wonder

 
‘Fingertips’ was een compositie van Motown-songwriters Clarence Paul en Henry Cosby. De meeste grote hits van Stevie Wonder waren (grotendeels) afkomstig uit de pen van anderen. ‘Blowing in the wind’, zijn eerste succes in Nederland (1966), was een bewerking van een song van Bob Dylan. ‘A place in the sun’ (1966) en ‘Yester-me, Yester-you, Yester-day’ (1969) kwamen uit de koker van Ron Miller en Bryan Wells. ‘For Once in my life’ (1968) werd geschreven door Ron Miller en Orlando Murren.
   Soms was Stevie één van de songwriters. Dat was het geval bij ‘Up Tight’ (1965), ‘I was made to love her’ (1967), ‘Shoo-be-doo-be-doo-da-day’ (1968) en ‘My Cherie Amour’ (1969).


 
Motown en de internationale ontwikkelingen
 
 
In de loop van de jaren zestig kregen succesvolle popartiesten steeds meer zeggenschap over activiteiten op de plaat. Groepen als de Beatles, en in Nederland de Tee Set, begonnen in die tijd zelfs een eigen label. Bij Motown lag dat moeilijker. De kracht van de platenmaatschappij lag juist in de familie-gedachte. Onder leiding van Berry Gordy en zijn familie werd zo veel mogelijk in eigen hand gehouden. Dat gold niet alleen voor de productie en marketing van platen, maar ook voor zaken als studio, publishing, coaching, management, noem maar op. Zolang die formule werkte was Motown niet te stuiten.
   Wie niet meer meedeed had het moeilijk. Toen bijvoorbeeld Mary Wells, die met ‘My Guy’ in 1964 een nummer één had, zich door de concurrentie liet wegkopen, was het snel afgelopen met het maken van hits.
   Maar aan alles komt een eind, ook aan de unieke aanpak van het bedrijf uit Detroit, Michigan. In 1971 zetten de Stones hun eigen label op. De ontwikkelingen in de wereld van de popmuziek gingen ook aan Motown niet voorbij. Diana Ross van de Supremes wist al eerder haar eigen zin door te drijven. Marvin Gaye bedong in 1971 dat hij een eigen koers mocht varen. Stevie Wonder, die 21 jaar werd op 13 mei 1971, kreeg hetzelfde voor elkaar. Voortaan mocht ook hij op eigen benen staan. Stevie was toe aan een nieuwe fase in zijn muzikale loopbaan.
 
 
Where I’m coming from
 
 
 
 
Vanzelf ging het niet, als je tenminste afgaat op wat er in die tijd in de internationale media geschreven werd. Op 30 januari 1971 vertelde Mark Plummer in Melody Maker dat Stevie hem een nieuwe stijl had aangekondigd, ‘with a deeper musical and lyrical feeling’. Die nieuwe aanpak resulteerde in het album ‘Signed, Sealed and Delivered’. Was dat alles, vroeger Plummer zich na het beluisteren af. Van de belofte van de artiest was niet veel terecht gekomen, vond hij. “Admittedly, the songs were personal, interesting and away from his usual style, but where was the progress?”
   Aanzienlijk beter was Plummer te spreken over de opvolger, het album ‘Where I’m Coming From’. De positieve houding van de popjournalist viel mede te verklaren door de behandeling die hij kreeg. Tijdens een bezoek aan Londen nodigde Stevie hem uit in de suite van het Royal Garden Hotel waar hij de beste geluidsapparatuur van dat moment liet installeren. “In the suite’s living-room he has parked his mini portable recording/playback system, that would turn a hi-fi enthusiast green with envy. ‘Listen to this’, he says putting a cassette in a stereo cassette player, which is linked up to an amplifier, and in its turn to two speakers”.
   De verslaggever van Melody Maker viel zowat van zijn stoel van verbazing. “‘Who is it?’, springs to mind. ‘God it’s Stevie’. Well he’s gone and done it, playing all the instruments himself - organ, clavichord, guitar, bass, drums, harmonica, piano - everything that is except the strings, and he’s produced it. too. The song he played first is titled ‘The Way You Love Me’, and it’s dead weird, even weirder considering it’s Stevie”.
   Wonder legde uit dat hij niet alleen alle instrumenten voor zijn rekening genomen had. Voortaan was hij bovendien de componist van zijn plaatrepertoire. “I’ve done a lot of writing for myself recently. I suppose my writing is becoming more important than my singing”.
   Stevie en Mark luisterden samen naar ‘Burning Jazz Man’. De Britse journalist kon niet nalaten een vergelijking te maken met de teksten van John Lennon, op de solotoer na het uiteenvallen van de Beatles in 1970. “The lyrics could well have been written by John Lennon, and the backing supplied by the Plastic Ono Band in a melodic mood”.
   Terug van zijn ontvangst op de luxueuze hotelkamer van Stevie Wonder kwam Mark Plummer tot een duidelijke conclusie. Zodra ‘Where I’m Coming From’ op de markt verscheen zou het een sensatie zijn. Het nieuwe album was een ‘juweeltje’, een ‘gem’.
 

Niet iedereen was even enthousiast over de nieuwe aanpak van Stevie Wonder. In het blad Rolling Stone vergeleek Vince Aletti het album met ‘What’s Going On’ van Marvin Gaye en de nieuwe muziek van Curtis Mayfield, die uit de Impressions gestapt was.
   Wat Aletti betrof was het experiment van Wonder absoluut niet geslaagd. “Stevie apparently wanted an opportunity to loosen up outside the confines of the typical Motown single. But he blew it. Not only are the lyrics sadly undistinguished, but much of the production and arrangement is unusually self-indulgent and cluttered with effects that too often obscure the utter virtuosity of Wonder’s singing”.
   Volgens hem had Stevie nagelaten compacte korte songs te maken. “At its worst, in ‘Do Yourself A Favor’ and ‘I Wanna Talk to You’, both more than five minutes, Wonder gets so hung up on exploring this virtuosity that he runs it into the ground. Failing to realize that an extravagant vocal style draws a great deal of its strength from a contrasting, coolly-controlled arrangement which will set it off to greatest effect, Wonder tends to sink everything in thick studio veneer; the use of doubletracking for vocal self-accompaniment is especially overused”.
   Volgens de redacteur van Rolling Stone was het nieuwe album ronduit een teleurstelling. Veel te pretentieus, liet hij zijn lezers weten.
 

“Fans willen het oude repertoire horen”

 
Het nieuwe repertoire van Stevie Wonder werd de liefhebbers dus niet door alle popbladen als positief voorgelegd. De fans zelf reageerden ook niet altijd positief als hij de muziek liet horen zoals hij die op dat moment prefereerde. Op 22 januari 1972 publiceerde Danny Holloway een recensie van een optreden in New Musical Express. De auteur begon het artikel met te wijzen op de speciale plaats die Wonder bij zijn platenmaatschappij innam. “Hij is de eerste artiest die Motown voor zich laat werken in plaats van andersom. Hij heeft volledige controle over zijn muziek. De laatste tijd is zijn muziek erg veranderd. Stevie wil niet langer als soul-artiest betiteld worden”.
     Holloway was er niet op tegen als een artiest zijn stijl veranderde. Maar alleen: “If it’s for the better”. Dat was bij Stevie echter niet het geval, schreef hij. De fans waren helemaal in de stemming in Hammersmith Odeon (Londen). “They were clapping, stomping and shouting”. Maar toen Stevie plaats nam achter de moog-synthesizer en iets liet horen van zijn nieuwe muzikale aanpak, was de aanhang volgens hem ‘ontevreden’. Nog erger was het toen hij ook een partijtje ging drummen. Dat had hij nooit moeten doen, kon je in New Musical Express lezen.
   Het publiek werd pas enthousiast bij het horen van de vertrouwde Motown-hits uit de jaren zestig. “A sign of improvement came as Stevie swung into ‘For Once In My Life’, which never was one of my favourites but at least it worked. The rest of the show was more or less very samey and not very impressive. On the whole, his performance was very mediocre and inconsistent.
   The audience were restless, at times, through this. I saw a substantial number of people walk out. The bits that the audience cheered and participated in the most were the hits: ‘Yester-me Yester-you’, ‘I Was Made To Love Her’, ‘Heaven Help Us All’, ‘My Cherie Amour’, ‘If You Really Love Me’ and the classic ‘Signed Sealed And Delivered’. Those were the songs they came to hear”.
   Holloway was het met de reactie van de bezoekers van het concert eens. Wat moest Stevie Wonder met die moog? Waarom moest zijn muziek zo nodig ‘meaningful’ zijn?  Eén album met dat soort muziek, ‘Where I’m coming from’, vond hij wel genoeg.
   Intussen, realiseerde hij zich, had Stevie opnieuw zo’n moderne plaat gemaakt. Die heette ‘Music of my mind’. Hoge verwachtingen had hij zeker niet. Holloway eindigde zijn artikel dan ook met een advies aan de artiest: “There’s a lot at stake. He’s a fantastic musician and one of the most soulful and expressive singers ever. I only hope he doesn’t become misguided by the success of some of his more trendy contemporaries”.
   Schoenmaker blijf bij je leest, was de boodschap.
 

Music of my mind

 

Het nieuwe album, ‘Music of my mind’, verscheen in maart 1972. Maar zoals Mark Plummer vóór de release naar ‘Where I’m coming from’ mocht luisteren op de hotelkamer van de artiest, kreeg Penny Valentine de muziek van ‘Music of my mind’ al een aantal maanden eerder te horen. Misschien hielp dat wel om er een positief oordeel over te geven.
   In haar artikel over het album, dat op 4 december 1971 in het tijdschrift Sounds geplaatst werd, uitte ze zich in de meest lyrische termen. Zwarte soulmuziek, schreef Penny, was volwassen geworden. Het begon allemaal met Curtis Mayfield, gevolgd door Isaac Hayes en Marvin Gaye. Het nieuwe album van Stevie Wonder overtrof echter alle eerdere ontwikkelingen in de zwarte muziek, was de toon die Valentine aansloeg. “To Wonder this is a personal triumph”.
   Stevie had zich helemaal los gemaakt van de scene in Detroit. Michigan. Niet voor niets was hij naar New York verhuisd. Eindelijk mocht hij alle beperkingen, die hem eerder door Berry Gordy waren opgelegd, van zich afwerpen. Het resultaat was ronduit fantastisch. “For ‘Music Of My Mind’ there were no boundaries and the result of this musical carte blanche is an album of explosive genius and unshackled self-expression”.
   Penny Valentine had werkelijk geen seconde gemist toen ze de nieuwe muziek te horen kreeg. “It’s a collection so strong, so fiery, so full of energy there is never one moment when you are tempted to move on before a track’s very last note has come over”.
   De lezers van Sounds kregen, nog vóór het album op de markt verscheen, dus een heel ander verhaal te horen dan die van New Musical Express.
 

Stevie Wonder zelf aan het woord

 
Valentine besefte dat niet iedereen even blij was met de nieuwe stijl van de artiest. Dat gold zowel voor de albums als voor de optredens met zijn groep Wonderlove. “It’s caused a great deal of critical frothing at the mouth”. Toen ze de kans kreeg vroeg ze hem wat hij daar zelf van vond.
   Stevie Wonder: “Sometimes, it’s been difficult and other times not, depending on the audience. I think no matter what I do people pay their money and expect in return to get songs they know and immediately connect with me. To me the challenge in performing is to make an audience aware of everything that’s within me now and some people, up until now, have not been able to accept that. It’s an experience for me to go out and say ‘here’s a new tune you’ve never heard before and I’m going to see how you like it. If you don’t then don’t clap. If you do – outta sight’.
   Yes sure I was trapped for many years. I’d wanted to do this kind of album for many years. I can’t say I just suddenly decided to do it at that point last summer for any special reason other than it was in me to come out right then and I was in New York, to get a place there and met these people who introduced me to the Moog and the studios.
   A lot of people don’t consider the Moog an instrument in a sense and they feel it’s gonna take a lot of work away from musicians and all that. But I feel it is an instrument and is a way to directly express what comes from your mind. It gives you so much of a sound in the broader sense. What you’re actually doing with an oscillator is taking a sound and shaping it into whatever form you want.
   Maybe a year and a half ago I couldn’t have done these kind of tracks. I don’t know. I think your surroundings and environment have a great deal to do with what come out of you, how you write. I wrote ‘Evil’ for instance, in the studios the day after Memorial Day which is the same as your Remembrance Day, and did it straight away”.

Over de breuk met zijn verleden meldde Stevie begin 1972: “I’ve always felt I’ve been confined within a set style of work – that people expected a certain thing from me. I’m not just speaking of Motown, I’m speaking of people in general. Like ‘Stevie Wonder appeals to this – this is him’. I think a lot of artists are categorised or labelled in this way and it’s bad. People should let you be as free as possible and up until now I really haven’t been”.
   Stevie Wonder was niet meer te stuiten, vertelde Penny Valentine aan haar lezers. Op ‘Music of my mind’ waren negen nieuwe nummers te horen. Maar Stevie had binnen een half jaar maar liefst vijftig (!) songs in diverse studio’s vastgelegd.
 
Ook David Nathan van het blad ‘Blues & Soul’ sprak met de artiest. Stevie vertelde hem dat ze het bij Motown in eerste instantie maar lastig vonden wat hij en Marvin Gaye aan het doen waren. Maar de twijfel daar was nu voorbij. “They are certainly more attuned to the new development and awareness of its artists”.
   Nathan was niet meteen enthousiast toen hij ‘Music of my Mind’ te horen kreeg. Hij vergeleek de nieuwe muziek met die van Taj Mahal en dacht soms even dat hij naar Paul McCartney luisterde. “The main problem seems to be that Stevie has really reached out of his former image – possibly too far out and his musical ideas may take some time to adjust to”.
   De soul-journalist had niet bepaald genoten van het recente optreden van Wonder. “If his recorded work has changed, it would seem logical that his stage act has too. It has – but whether it’s to the good is another matter. His portion of the concert at a capacity-packed Hammersmith Odeon on January 14 opened with his backing group, Wonderlove, who played a long jazz-funk number. Stevie’s own opener was also long – it ran for about fifteen minutes and seemed to be an improvised tune on which he played organ, synthesizer, drums and bongos!”
 

Talking Book

 

Zoals gezegd, Stevie was in die tijd niet te stuiten. In het jaar 1972 liet hij nóg een album met nieuw materiaal in de winkels verschijnen. Na ‘Music of my Mind’ verscheen in oktober al “Talking Book’. Op dat album nummers als ‘You are the sunshine of my life’, ‘Superstition’ en ‘I believe when I fall in love it could be forever’. Muzikanten als Jeff Beck, David Sanborn en Ray Parker jr. leverden een bijdrage. Deniece Williams en Jim Gilstrap deden achtergrondzang. Malcolm Cecil en Robert Margouleff zorgden voor de productie.
   De kritische artikelen hadden niet weten te voorkomen dat de muziek van Stevie Wonder inmiddels volledig geaccepteerd was. De singles werden op de radio gedraaid. Dat was genoeg. Toen Stevie begin 1973 weer eens terug was in Europa werd hij dan ook met alle egards behandeld. In het Britse popweekblad New Musical Express was het deze keer Tony Newman die over hem schreef na met hem van gedachten gewisseld te hebben. Stevie was over komen vliegen om promotie te bedrijven voor zijn nieuwe single. Newman: “‘Superstition’ and the ‘Talking Book’ album are currently hitting a huge market”.
   Newman uitte zich positiever over de nieuwe koers dan zijn collega Danny Holloway indertijd. Stevie Wonder, schreef hij, was gestopt met het maken van ‘Motown bubblegum’. Het had wel een tijdje geduurd voor de mensen aan zijn nieuwe stijl gewend waren, maar nu was er geen ontkomen meer aan. De metamorfose was compleet.
   Stevie uitte zich nu ook in militante zin. Al was hij blind, hij voelde zich nadrukkelijk verbonden met de ontwikkelingen in de zwarte wereld. “I’m very black-orientated. I love African clothes and stuff and I think it’s beautiful the way people are finding their own identity now. They are getting over that thing of being ashamed of their heritage. You can see it with hair styles.
   At one time black people used to have their hair dyed or straightened. Now they’re proud of having their own identity. It’s very healthy. Some of the black movies may have helped things along indirectly. ‘Shaft’ [met muziek van Isaac Hayes] probably did that more than ‘Super Fly’ [muziek van Curtis Mayfield]”.
   In ‘Big Brother’ ging Stevie nog een stapje verder. De song, te vinden op ‘Talking Book’, was gebaseerd op een roman van George Orwell. “‘Big Brother’ deals basically with a black man in the States, but it also applies to any person who’s oppressed by an unreasonable power. The title came from the book ‘1984’, which I really enjoyed”.
 

Terugblik naar 1963

 
In het interview met Newman keek Stevie Wonder trouwens niet alleen vooruit, maar ook terug naar het begin van zijn carrière. De zanger was nu zelf een ‘sprekend boek’.
   Even had het erop geleken dat die grote hit, ‘Fingertips’ niet aleen de start maar bovendien de finale van zijn muzikale loopbaan geweest was. Stevie was veel te jong, vond men in 1963. Wonder: “My career very nearly stopped right there. We had a problem with the Board of Education in Detroit, who weren’t able to handle my situation, and told me I’d have to quit. Fortunately, we got over that with the assistance of doctor Thompson, who’s superintendent of the Michigan School for the Blind in Lansing. He worked out a schedule which enabled me to go on the road and study at the same time. A private teacher called Ted Hull travelled with me, and saw me through school. I graduated in 1968.
   Suddenly I was surrounded by older people all the time and there were temptations. Like I wanted to stay up late at night but I had a chaperone who made sure I went to bed. It was amazing man, I swear to God.
   Another weird thing was that there used to be a law in Michigan that made the adult age 21. This meant that all my money went into a trust fund and I couldn’t touch it for years.
   I was only given an allowance for personal spending and my mother got an allowance too, for my clothes and things like that. I was getting two dollars fifty cents a week”.

Het onverwachte succes van ‘Fingertips’ en zijn artiestennaam Little Stevie Wonder, bedacht door de platenmaatschappij, zorgde ervoor dat hij op school flink gepest werd door andere leerlingen. Maar alles was goed gekomen.
   Stevie: “They used to call me Wonders, and I hated that. I had a few problems at school in the early days. When I got back after my first-tour they wanted to fight. I got into a fight with one dude and pushed him down some stairs. He was a big guy in the school, a bully. Anyway, I did him in that time, and afterwards, when he saw I wasn’t gonna take no stuff and that I wasn’t conceited, we got along fine.
   Some of the other kids couldn’t dig it when they saw I hadn’t changed. They said like, where’s he coming from? They expected me to be stuck up and big time. It took them a while to get it together that I was still just one of them, but it all smoothed out in the end”.
   Al gauw gaf de zanger een andere draai aan het gesprek. Misschien wel omdat hij blind was ging hij helemaal op in de muziek van dat moment. “Roberta Flack is one of my favourite singers. Then there’s people like Jethro Tull, the Stylistics, Marvin Gaye, Aretha Franklin and Bill Withers. I really admire Bill tremendously, he’s a very heavy cat and one of the greatest talents in a long time”.
 

Innervisions

 

Ondanks de volledige acceptatie van de nieuwe muziek door het platenkopend publiek bleef de internationale muziekpers de artiest kritisch volgen. Toen er in de zomer van 1973 alweer een nieuw album verscheen, deze keer ‘Innervisions’, noemde Richard Williams het nogal ‘teleurstellend’. “It’s still a beautiful blending of influences and ideas, and Wonder’s work is streets ahead of many of his contemporaries. His heartfelt vocal expression, his new ways in bending notes and altering phrasing which steps outside the soul singer tradition, make Stevie a 1973 singer of the cities. In his compositions, cynicism, optimism, youth and maturity are very cordially mixed”. Maar ‘Talking Book’ vond hij aanzienlijk beter.
   Nummers als ‘Living for the city’, ‘All in love is fair’, ‘Don’t you worry ’bout a thing’ en ‘He’s Misstra Know It All’ haalden volgens hem, alles bij elkaar, niet het niveau van ‘Superstition’.
   Williams: “This album sees Stevie make even greater use of his own multi-instrumental abilities with three tracks at least featuring him on all the instruments and vocals, while on others only a bass player or percussionists are added. This has its disadvantages. I particularly miss the brass which was such a vital feature of ‘Talking Book’”. Het was ook nooit goed.
 

Robert Briel en ‘Fulfillingness First Finale’

 
In 1974 keek de Nederlandse pop-journalist Robert Briel in het Veronica-blad nog eens terug op wat er met Stevie Wonder allemaal gebeurd was. “In 1971 luidde Stevie een geheel nieuwe periode in. Door het bereiken van zijn 21-jarige leeftijd kreeg hij de beschikking over al het geld wat hij in de negen jaar daarvoor verdiend had. Hij besloot zijn ouderlijk huis te verlaten en ging wonen in een hotel in New York. Hij trouwde met Syreeta, die hij als secretaresse bij Motown had leren kennen. Een huwelijk, dat overigens maar een jaar duurde. Een turbulente periode in Stevie’s leven die resulteerde in een geheel nieuwe aanpak van zijn muzikale werk.
   Hij zette de Motown producers aan de kant en wilde volledige creatieve vrijheid. Door het bereiken van zijn meerderjarigheid verliep ook zijn contract met Motown. In zes weken tijd onderhandelde hij een unieke overeenkomst met zijn platenmaatschappij. Het contract vormde een boekwerk van 120 pagina’s. Daarin kreeg hij absolute gewenste creatieve vrijheid. Hij kon zelf bepalen in welke studio en met welke musici hij zijn platen zou opnemen. Tenslotte kreeg hij als eerste Motown-artiest het recht een eigen muziekuitgeverij op te richten. Met dit contract brak Stevie de traditionele Motown-aanpak open.
   Tot dusver gebeurde alles in groot ‘familie-verband’, alles werd door Motown geregeld. Van nu af regelde Stevie Wonder alles via zijn eigen productiemaatschappij Taurus.
   De eerte plaat in de nieuwe opzet was ‘Music of my Mind’, maar daarvoor had Stevie al met ‘Where I’m coming from’ aangegeven in welke richting zijn gedachten gingen. Hij brak volledig met zijn zwarte verleden en bleek vooral geïnteresseerd in het popgebeuren. Zijn tournee door Amerika met de Rolling Stones gaf hem de gelegenheid zich uitgebeid te presenteren voor een breder publiek. Hij speelde met mensen als Steve Stills, Eric Clapton en Jeff Beck mee op de plaat. Jeff Beck nam zelfs zijn ‘Superstition’ op en speelde op één van Stevie’s platen mee.
   Met ‘Music of my Mind’ was Stevie’s standpunt bepaald. Zoals de titel al zegt en zoals nog eens ten overvloede op de hoes vermeld staat is dit muziek van de persoon Stevie Wonder. Ook letterlijk, want Stevie speelt bijna elke toon die op die plaat te horen is. Die tonen zijn dan voornamelijk afkomstig van Stevie’s nieuwe hobby: de elektronica. In de loop der jaren had hij zich meer en meer vertrouwd gemaakt met de werkwijze van Moog, Arp en andere synthesizers.
   ‘Music of my Mind’ was ook de eerste plaat geheel buiten Motown opgenomen. Geen inbreng van Motown producers, geen controle van bovenaf: helemaal een produkt van Stevie zelf.  De critici vielen van hun stoel.
   Enige maanden eerder had Marvin Gaye al iedereen verbaasd door met een zelf geproduceerde, indrukwekkende plaat te komen, maar nog steeds binnen Motown. Nu kwam Stevie met een helemaal eigen produktie en het klonk nog goed ook. Het gros van de Motown-artiesten zou zonder intensieve begeleiding, die ze van boven ontvingen, heel weinig te betekenen hebben. Nu werd plotseling die opvatting aan het wankelen gebracht door deze zelfverzekerde stap van de boy Wonder.
   Na ‘Music of my Mind’ wist Stevie zijn reputatie op te houden met ‘Talking Book’. Zijn eerste project was misschien een toevalstreffer geweest, maar deze tweede plaat wiste alle twijfel weg. Als één van de eerste zwarte artiesten was Stevie erin geslaagd een echte album artiest te zijn, niet iemand die zo af en toe een aardige hit scoorde.
   Zijn volgende plaat, ‘Innervisions’, was wat minder makkelijk toegankelijk. Behalve ‘Living for the city’ en ‘He’s Misstra Know-It-All’ zijn de composities wat minder direkt herkenbaar. Maar zonder pathetisch te worden laat hij ons weten wat er in hem ongaat. ‘Innervisions’, de naam zegt het al. Met deze plaat had Stevie zijn ontwikkeling voorlopig voltooid.
   Als één van de eersten was hij erin geslaagd de zwarte muziek uit het oude vakje te halen. Zwarte muziek was niet langer alleen maar een aardige plaat om op te dansen en die je alleen behoorlijk kon beluisteren op een goedkope transistor radio.
   Kort na het uitkomen van ‘Innervisions’ zou Stevie, nu al weer ruim een jaar geleden, een wereldwijde toernee ondernemen om zijn naam voorgoed te vestigen. Een auto ongeluk haalde een lelijke streep door deze plannen. Met zijn chauffeur John Harris reed hij achterop een zware vrachtwagen, die plotseling moest stoppen. Zijn leven werd gered door de veiligheidsgordel, die hij droeg. Vier dagen lag hij in een coma. Toen hij eindelijk weer bij kwam, bleek hij geen blijvende gevolgen van het ongeluk te hoeven dragen. Maar de geestelijke klap, die hij had gekregen, deed hem vier maanden rusten.
   Voorjaar 1974 was Stevie weer de oude. Hij speelde twee maal voor een uitverkocht huis in het Londense Rainbow theater. Hij verbaasde het publiek bij de Midem in Cannes op het grote gala en hij nam een tv-special op met Mike Leckenbusch voor Bremens ‘Musikladen’.
 

Na deze toernee toog Stevie weer aan het werk in de studio. Aanvankelijk was het de bedoeling dat hij een dubbelelpee zou opnemen, ‘Fullfillingness Last Finale’, één plaat met studio-opnamen, één plaat met live-opnamen. Zover is het nog niet gekomen. We kregen onlangs zijn laatste album voorgeschoteld: ‘Fullfillingness First Finale’, een enkele elpee waarop alleen studio-opnamen te vinden zijn. De titel is ook veranderd en minder definitief: er is nu nog maar sprake van ‘First’, niet van ‘Last’.
   Het woord ‘Finale’ duidt er in elk geval wel op, dat Stevie nog steeds denkt aan het einde van zijn muzikale bezigheden. Vooral het auto ongeluk heeft Stevie aan het denken gezet. Hij kondigde aan snel een punt achter zijn carrière te willen zetten en zich te gaan vestigen in Afrika. Maar die beslissing schijnt nu weer op losse schroeven te staan.
   Syreeta, die onlangs in ons land was, wist me te vertellen dat Stevie alleen maar hardop dacht toen hij zei, dat hij naar Afrika wilde gaan. Wat zijn beslissing uiteindelijk ook mag zijn, Stevie heeft ons heel wat gegeven. Het is moeilijk te geloven dat iemand met zo’n carrière achter de rug pas 24 jaar oud is”.
   Robert Briel wekte de indruk dat de zelfstandige aanpak van Stevie Wonder door iedereen met gejuich ontvangen werd. De critici zouden daarom in positieve zin van hun stoel gevallen zijn. Dat was wel erg kort door de bocht.
   Over ‘Fulfillingness First Finale’ gaf Robert Briel, die zowel voor Oor als het Veronica-blad schreef, geen persoonlijke mening. De redactie van Oor gaf die wel. Opnieuw viel het oordeel negatief uit. Het album ‘dat aan voorspelbaarheid en standaardisatie lijdt’ werd in één woord ‘teleurstellend’ genoemd.
 

‘Stevie Wonder, de Beatles van de zeventiger jaren’

 
Het geheugen heeft soms een korte duur. Na verloop van tijd leek het erop dat ‘iedereen’ alleen maar positief was geweest over de muzikale richting van Stevie Wonder in de jaren zeventig. Trappen tegen de familie-koers van Berry Gordy’s Motown is altijd populair geweest in de media. Bij het verschijnen van het jubileumboek ‘De zaak Oor’ in 1976 werd Stevie Wonder al omschreven als ‘de Beatles van de zeventiger jaren’.
 


 

 
Dat is het beeld zoals het is blijven hangen en in de encyclopedies terecht is gekomen. Tot op de dag van vandaag. Op 22 oktober 2014 las ik in de Nederlandse versie van Wikipedia dan ook over de artiest: “In het begin werd zijn carrière vrijwel geheel door de platenbazen bepaald, maar in de jaren zeventig verwierf hij met een nieuw platencontract artistieke vrijheid en nam hij een aantal muziekalbums op dat door zowel het publiek als recensenten gunstig werd ontvangen”.
   De werkelijkheid was enigszins anders...
 
Harry Knipschild
25 oktober 2014

Clips

* Little Brenda Lee, Dynamite, 1957
* Little Stevie Wonder, Fingertips, 1963 
* Stevie Wonder, Blowing in the wind, 1966
* Jackson Five, I want you back, 1969
* Stevie Wonder speelt drums
Curtis Mayfield, Super Fly, 1973
* Stevie Wonder, album Talking Book, 1973
* Stevie Wonder, Musikladen, 1974
* Stevie Wonder interview, Mike Douglas, 1977   
* Berry Gordy over Stevie Wonder (en Michael Jackson), 2009

Literatuur
Mark Plummer, ‘Stevie freaks out’, Melody Maker, 30 januari 1971
Vince Aletti, ‘Marvin Gaye, What’s going on, Motown’,  Rolling Stone, 5 augustus 1971
Penny Valentine, ‘Stevie Wonder, Music of my Mind’, Sounds, 4 December 1971
Danny Holloway, ‘Stevie Wonder, Hammersmith Odeon, London’, New Musical Express, 22 januari 1972
Penny Valentine, ‘Stevie’s Moog Music’, Sounds, 22 januari 1972
David Nathan, ‘Stevie Wonder, a little too far out?’, Blues & Soul, 4 februari 1972
Tony Norman, ‘The new Wonder ingredient’, New Musical Express, 17 februari 1973
Chris Welch, ‘Stevie Wonder, Innervisions’, Melody Maker, 11 August 1973
Robert Briel, ‘Stevie wil nog steeds stoppen’, Veronica-blad, 16 oktober 1974
Constant Meijers, ‘Stevie Wonder, de Beatles van de zeventiger jaren’, in De zaak Oor, Amsterdam 1976
Muziekkrant Oor’s eerste Nederlandse geïllustreerde Pop encyclopedie, Amsterdam 1977 en 1982
Stevie Wonder op wikipedia, Nederland, 22 oktober 2014