Zoeken


Tien jaar geleden kwam een aantal vrouwen bij elkaar in het Leidse stiltecentrum Jethro. Mannen waren bij de workshop ‘In de buik van de godin’ niet welkom. “We all come from the goddess, and to her we shall return”, na het gezamenlijk zingen van die voor hen zo bekende hymne gingen de vrouwen aan het werk.

   Met verse klei boetseerden ze ieder een godin met enorme borsten, billen en een dikke buik. Dat deden ze niet zomaar. Het ritueel ter ere van de oergodin Al-lath dateerde van meer dan duizend jaar geleden, hoorden ze. Het was afkomstig uit eeuwenoude Arabische boeken uit het Mekka van vóór de islamitische mannelijke overheersing. Wat de vrouwen allemaal deden was afhankelijk van de stand van de maan. Aan het einde werd een steen met melk overgoten, als offer aan al-Uusa, ‘de moeder’. “Laten wij door de melk eeuwig genieten van het moederschap en hierdoor liefde, bescherming en troost vinden”, werd hen bijgebracht. De dames wreven hun gezicht in met dikke rozenolie uit Kathmandu (Nepal). Door een slok karnemelk te drinken verenigden zij zich met de godin.

   “Toen het ritueel voltooid was, dansten we de spanningen eruit op muziek van Enya”, meldde Saskia Decorte op 4 maart 2002 in het Leidsch Dagblad. “De meesten met een grote glimlach op het gezicht. Of we inderdaad de godin in onszelf ontdekt hebben, blijft de vraag. Maar leuk was het wel”.


Wat zou Enya zelf van een dergelijke vrouwen-sessie gevonden hebben, vroeg ik me af. Dat is moeilijk te achterhalen. Enya (Eithne Patricia Ní Bhraonáin, geb. 17 mei 1961, Ierland) probeert zich zo veel mogelijk in stilzwijgen te hullen over haar privé-leven.

 

99 - Enya 2002 vrouwen Leiden
'In de buik van de godin'

 

***

 

Het begin

 

Het is niet altijd gemakkelijk te schrijven over artiesten die nog in leven zijn. Zeker als ze er niet op uit zijn te vertellen wat journalisten graag willen horen. Hun goed recht overigens. Voor historici is het gemakkelijker te publiceren over hetgeen al lang geleden gebeurd is dan over ‘gisteren’. Als beroemde mensen eenmaal overleden zijn komt er na verloop van tijd van alles boven water. Eerder vaak niet. De omgeving heeft er een zeker belang bij de mond gesloten te houden. Zo wisten we aanvankelijk betrekkelijk weinig over het privé-leven van idool Elvis Presley en zijn manager Col. Tom Parker. Na hun dood kwamen de feiten pas boven water. ‘Niemand’ besefte in die tijd dat Parker in werkelijkheid Dries van Kuijk heette en uit de Nederlandse stad Breda afkomstig was. Dat soort gegevens werd voor de buitenwereld verborgen gehouden. Bij Enya gebeurt iets soortgelijks.

   In een interview bij de BBC, toen ze nog niet bekend was, vertelde Enya: “Ik kom uit Gaoth Dobhair in het noordwesten van Donegal. Mijn vader en mijn moeder speelden in de Slieve Foy Dance Band. Ze waren voortdurend op toernee in Ierland, Engeland en Schotland. In de streek waar ik vandaan kom leerde je eerst praten in het Gaelic en op school leerde je Engels. Het gaat er heel traditioneel aan toe en dat sprak me aan. Later ging ik op kostschool en studeerde ik klassieke muziek”. Enya werd door haar ouders op kostschool geplaatst omdat ze zo weinig thuis waren. Dat moet in haar jeugd zeker een rol gespeeld hebben. Ze had ook kunnen opgroeien in de familie. Een broer en een zus, samen met twee ooms, hadden een traditioneel-Ierse muziekgroep gevormd.

   Ierse muziek deed het goed, niet alleen in het eigen land maar ook elders. Al in 1970 won Dana het Eurovisie-songfestival met ‘All kinds of everything’. In de jaren tachtig wist Johnny Logan Ierland maar liefst twee overwinningen te bezorgen, in 1980 met ‘What’s another year’ en in 1987 met ‘Hold me now’. Echte Ierse muziek deed het ook goed in de hitlijsten. Eerst de zingende Kelly Family met ‘Who’ll come with me’ (‘Danny’s song’, 1979) en vervolgens Clannad met het in het Gaelic gezongen thema uit ‘Harry’s Game’ (1982). Dat was de groep van de familie van Enya!

 

99 - Enya familie
De familie, Eithne (Enya) met beker

 

Enya deed een paar jaar mee met Clannad, nog vóór het succes. Naar eigen zeggen had manager Nick Ryan haar bij de groep gebracht. In een interview met het blad New Hi-Fi, jaren later, legde hij uit: “Er was een periode bij Clannad dat het saai werd. Enya studeerde nog. Ik wist dat ze graag piano speelde en dat ze goed was. En ook dat ze een excellente stem had. Zij zou dus iets kunnen toevoegen. Omdat ze van de familie was kon dat nooit veel problemen opleveren”. Het pakte anders uit. “Een tijdje ging het goed. Maar de groep wilde niet experimenteren. Ik juist wel. Ik had ideeën en toonde Enya wat je met stemmen en instrumenten allemaal kon doen. Als we met Clannad rondtrokken werkten Enya en ik steeds samen in de vrije uren. Zo ontdekte ik dat ze een heleboel te bieden had. In de groep kreeg ze de kans niet te doen wat allemaal mogelijk was”.

   Enya moet sowieso een buitenbeentje in Clannad geweest zijn. Ze hoorde er nooit helemaal bij. Nog vóór de hitsingle trok de manager zich samen zijn protégé terug uit de groep. Het meisje, 21 jaar, moest voortaan op eigen benen staan. Gelukkig had ze iemand die helemaal achter haar stond. Dat had evenwel consequenties. Enya verhuisde van het afgezonderde noordwesten van Ierland naar de hoofdstad Dublin. Voortaan woonde ze in bij Nick Ryan en zijn vrouw Roma. “Enya geloofde niet voldoende in zichzelf om solo te zingen. Laat staan dat ze in haar eentje voor publiek durfde optreden. Ik zei tegen haar: ‘Maak de muziek waar je altijd van gedroomd hebt. Speel die voor mij. Niemand anders hoeft het te horen’. Maar ze was gewoon te verlegen om dat te doen”. Het duurde twee jaar voor ze dat durfde. Waaarom, dat heb ik [HK] niet kunnen achterhalen.

 

Nick Ryan had een interessante achtergrond. In Dublin gaf hij dansles op een school voor dove meisjes. Die konden de muziek dus niet horen, maar toch. “Ik bouwde een luidspreker met zoveel mogelijk lage tonen. Die maakte ik vast aan de vloer van het danslokaal. De meisjes moesten de lage tonen op de vloer en in hun buik voelen. Zo konden ze het ritme oppakken. Het werkte. De vloer trilde en de meisjes dansten”. Dat was allemaal nog voor hij manager van Clannad werd. Ryan had ook contacten in de rockwereld, onder andere met Gary Moore, en hij was een bewonderaar van de opnametechnieken van de Amerikaanse producer Phil Spector, de man van het opeenstapelen van geluidstracks, de zogenaamde ‘wall of sound’. Naar eigen zeggen ging hij die techniek toepassen op Enya.

   Ryan had een een eigen studio in zijn achtertuin. Zonder dat iemand erbij was kon hij eindeloos met haar werken. “Het experiment begon vooral met vokalen. Daarmee bedoel ik niet alleen ‘oh’ en ‘ah’, maar alles wat zij en ik maar bedenken konden”. De stem van Enya fungeerde als instrument. Het ging niet zozeer om de teksten, die geschreven werden door zijn vrouw, maar om de klanken. Regelmatig zong ze in haar eentje alle stemmen van een groot koor, één voor één. Tot soms honderd keer. In vergelijking daarmee stelde de ‘wall of sound’ weinig voor. De enige die Enya bij de opname begeleidde was Nick Ryan.

 

99 - Ryan, Nick & Roma
Nicky en Roma Ryan

 

De doorbraak

 

Roma, Nick en Enya wisten wel iets te bereiken. Misschien kwam dat wel door de hit ‘Harry’s Game’ van de familie Bhraonáin (‘Brennan’). Ze werden uitgenodigd voor de soundtrack van de film ‘Prins van de kikkers’ (1984) en een BBC-serie over de Kelten (1987). In 1988 kwam Enya onder contract bij Warner Brothers in Londen. Directeur Rob Dickins zag haar helemaal zitten. Het was het tijdperk van Stock, Aitken & Waterman, het trio dat de eurobeat in Engeland aan de top bracht. Kylie Minogue en Rick Astley waren de tieneridolen van het moment. Dickins zette zich daar tegenaf met de woorden: “Sometimes the company is there to make money and sometimes it’s there to make music”. Volgens berichten uit de Engelse muziekbusiness werd de directeur door zijn medewerkers nauwelijks serieus genomen met deze uitspraak en de onbeperkte vrijheid die hij Enya en het echtpaar Ryan contractueel gaf.

   Nicky Ryan: “Rob heeft ons tot het uiterste gesteund. We hebben geweldig geprofiteerd van al zijn energie. Alle beslissingen lagen in handen van hem persoonlijk. Het was zijn project”. Toch was de teleurstelling groot toen het eerste album eindelijk klaar was. Er was volgens de platenbaas geen single om de elpee mee te promoten. Het trio wist nog één song uit de hoge hoed te toveren. Dat was ‘Orinoco Flow’. Heel bijzonder in dat lied was dat de naam van de directeur van Warner Brothers in Londen in de tekst voorkwam. “We can steer, we can near, with Rob Dickins at the wheel. We can sail, sail away, sail away”.

   Dat was uniek. De naam van de directeur in de tekst? Zoiets komt maar zelden voor. Een enkel voorbeeld: ‘The Chipmunk Song’ van David Seville (1958), waarin met ‘Alvin’ (Al Bennett, directeur van Liberty Records) de draak gestoken werd. Het leverde een nummer één hit op in Amerika, en de populariteit voor de (gefingeerde) Chipmunks die tot de dag van vandaag doorgaat.

   Zou het noemen van zijn naam in de tekst van het liedje Dickins geprikkeld hebben om extra hard te werken aan het succes van de plaat? De grote baas van Warner zette zich in elk geval persoonlijk in om de verkoop optimaal tot stand te brengen. Tijdens zijn bezoeken aan platenwinkels constateerde hij dat er steeds gevraagd werd naar ‘Sail away’, de tekst zoals die door het koortje (Enya in veelvoud) gezongen werd. Op basis daarvan besloot Dickins de verpakking van het album aan te passen.

 

99 - Dickins Rob
Rob Dickins

 

‘Orinoco Flow (Sail away)’ bereikte in Engeland de eerste plaats op de hitlijsten. Diezelfde klassering werd ook in Nederland gehaald. Volgens Avro-dj Rick van Velthuysen was het grotendeels aan hem te danken. Aan de GPD-pers vertelde hij in elk geval: “Als je als dj je werk goed doet, draai je niet alleen singles die je worden aangereikt door maatschappijen, maar luister je ook de albums helemaal af. Je krijgt gevoel voor hitsingles. Zo is het ook gegaan met ‘Orinoco Flow’ van Enya. Dat nummer hoorde ik op haar lp en heb de maatschappij verzocht het nummer op single uit te brengen, nadat ik de plaat een paar keer gedraaid had en daar veel reacties van luisteraars op kreeg”.

   De serieuze rockpers had nogal wat moeite met het succes van de zangeres. Journalisten die over rock-muziek schrijven en alleen van die muziek houden kunnen het niet nalaten muziek voor een ander publiek zeer kritisch te benaderen. Dat bleek ook het geval met het album ‘Watermark’, met ‘Orinoco Flow’ erop. Bij de album-besprekingen van 3 december 1988 beval de redactie van Oor het Kronos Quartet speciaal aan. De muziek van het gezelschap uit San Francisco werd ‘lyrisch volmaakt’ genoemd. Aanzienlijk minder positief was Oor over ‘Watermark’. De single, erkende Harry van Nieuwenhoven, was ‘hot’. Dat kwam door de hypnotiserende videoclip. De redacteur wist niet wat hij met het album aan moest. Op ‘bepaalde momenten was de cd slaapverwekkend’, liet hij zijn lezers weten. Gelukkig was ‘Watermark’ geen new age-trip, maar het zat er wel dicht tegen aan. En dat leek niet als een compliment bedoeld te zijn. Van Nieuwenhoven typeerde de muziek van Enya als ‘geeststrelend en rustgevend’.

   In het betreffende nummer van Oor waren er grote artikelen over John Lennon (op de omslag), The Nits, David Lee Roth (Van Halen), Sonic Youth en Brigitte Kaandorp. Toch kon er ook een stukje over Enya af: ‘Ik houd van stilte’. Bert van de Kamp suggereerde dat hij haar zelf gesproken had. Hij legde haar in de mond: “Muziek is mijn werk. Ik ben er vaak dagen achtereen mee bezig. Dan wil ik in mijn vrije tijd liever niets horen. Ik hou van stilte, eventueel doorbroken met het getjilp van een vogel bij het raam. Ik moet je bekennen dat ik nog nooit in mijn leven een grammofoonplaat kocht. Ik bezit niet eens een platenspeler”.

   Enya, noteerde Van de Kamp, was ook te horen op het debuutalbum van Sinead O’Connor, ‘The Lion and the Cobra’. In het nummer ‘Never grow old’ droeg ze een in het Gaelic vertaalde bijbeltekst voor. “Ik heb dat in mijn eigen studio opgenomen en naar haar toegestuurd. Later heb ik haar ontmoet. Ze is aardig, maar een totaal ander type dan ik. We zijn zo ongeveer elkaars tegenpolen”.

   De redacteur legde uit wat dat betekende: “In tegenstelling tot Sinead houdt zij zich niet met politiek bezig”. Het waren de dagen waarin rockmuzikanten in aanvaring kwamen met de politiek van Margaret Thatcher. Volgens Oor van 3 december 1988 begon de ‘staatsonderdrukking stalinistische kenmerken te vertonen’. Er was ‘staatscensuur op alles wat vies en voos is’ De politie ‘deed massaal en aan de lopende band invallen bij house-parties omdat van de daar in zwang zijnde drug ecstacy [xtc] een extreem jeugdbedervende werking zou uitgaan’. Enya was in die dagen bezig met een podiumshow. Die zou meer van een klassiek concert hebben dan met een rockshow. “Ik wil het niet overhaasten en er op mijn gemak over nadenken hoe ik het zal aanpakken. Zo heb ik het ook met mijn platen gedaan en zo bevalt het mij best. Ik laat mij door niets of niemand onder druk zetten”.

 

Opsluiten in de muziek?

 

Van de optredens van Enya kwam niet veel terecht. Ze heeft nog nooit een openbaar concert gegeven. Voor de inkomsten was dat ook niet nodig. Enya kreeg een mysterieus imago. Juist omdat ze niet naar buiten trad. Op 13 januari 2012 heb ik een artikel Keith Moon gepubliceerd, de ‘ondeugende drummer van The Who’. Die wist van gekkigheid niet wat hij moest uitspoken. Bij Enya gebeurde het tegenovergestelde. Ze sloot zich op in haar muzikale wereld, als je tenminste afgaat op hetgeen er over haar geschreven wordt. Dag in dag uit experimenteerde ze met het schrijven van muziek en het uitwerken daarvan in de eigen studio van Nick Ryan.

   Harry van Nieuwenhoven had het niet bij het verkeerde eind toen hij de woorden ‘new age’ gebruikte in 1988. Op 25 juni 1994, bijna zes jaar later, schreef Fred Bronson in het Amerikaanse blad Billboard: “Het Enya-album ‘Shepherds Moons’ staat na 133 weken nog steeds op nummer 6 in de new age-hitlijsten. Dat is niets in vergelijking met Enya’s vorige plaat. ‘Watermark’ staat op 9 in zijn 264ste week. Dat is vijf jaar en vier weken. Mensen die het weten kunnen zeggen dat Enya tot in de 24ste eeuw op de hitlijst zal blijven staan”. Zonder aanbeveling van de poppers, met nauwelijks airplay en zonder concerten, waren de cd’s van Enya bestsellers van de eerste orde geworden. In 1997 waren er al 33 miljoen albums van haar verkocht.

 

Voor platenmaatschappij Warner Brothers was het een hele klus een nieuwe cd te kunnen uitbrengen. De opnamen namen zoveel tijd in beslag dat het er soms jaren niet van kwam. Een compromis was de release van een ‘best of’ album (‘Paint the sky with stars’) met daarop een paar nieuwe songs. Bij die gelegenheid trad Enya op 10 december 1997 voor het eerst op voor de Amerikaanse televisie, legde presentator David Letterman trots uit toen hij haar mocht introduceren. Met een orkest en koor dat met een enkele uitzondering helemaal bestond uit netjes geklede vrouwen bracht zij het nummer ‘Only if’. In die tijd was ze bovendien beschikbaar voor de Amerikaanse pers. Jim Sullivan van de Boston Globe sprak met haar.

   De journalist begon het artikel door te stellen dat de muziek van Enya vaak omschreven werd in ‘spirituele en hemelse termen – het soort dat je wilt horen als je de poort van de hemel nadert’. Het was dan ook geen wonder dat ze voor paus Johannes Paulus II gezongen had. “Het was een eer in het Vaticaan op te treden, achter de hekken waar de wachters de poorten voor je opnenen”. Ze had tevens de koning van Zweden mogen verrassen op zijn 50ste verjaardag. In het geheim was ze naar Zweden gevlogen. “Hij is een echte fan. We hebben uren staan praten”.

   Enya besefte dat ze zich op een bijzondere manier vertoonde: “Ik ben meer bekend om mijn muziek dan om wie ik ben. Omdat ik niet op toernee ga en niet aan publiciteit doe is er een soort mysterie ontstaan. Andere artiesten vind je in talkshows en praten continu met de pers. Ik weet het niet. Misschien genieten sommige mensen ervan dat er over hen gepraat wordt en dat ze in de kranten staan. Ik houd ervan om over de muziek te praten. Dat is het dan. Ik verkoop mijn muziek niet aan de mensen. De muziek doet dat zelf wel”.

   In het gesprek met de journalist kwam tevens naar buiten dat Enya nog steeds in familiekring zong. “Ze vliegt naar County Donegal om tijdens de nachtmis bij haar   familie te zijn. Ze zingt in het koor van haar moeder. Daar is ze géén ster. Ze sluipt naar binnen, neemt haar plaats in en opent haar mond. Van haar familie thuis en haar vrienden zegt ze: ‘Ik vind het geweldig bij ze te zijn. Catching up, you know’”.

 

99 - Enya met zingende zusjes
Enya (midden), zingend met haar zusjes

 

Enya alleen in kasteel Manderley (Dublin)

 

Dankzij de verkoop van de cd’s en de opbrengst van haar liedjes was Enya inmiddels een vermogende vrouw geworden. Ze hoefde niet meer in te wonen bij de familie Ryan. Aan Jim Sullivan bevestigde de artieste dat ze een kasteel voor zichzelf gekocht had. Dat was in de negentiende eeuw gebouwd en heette oorspronkelijk ‘The Victoria’. Na een brand in 1924 was het omgedoopt in Ayesha (‘eeuwige vlam’). In 1997 werd het na de aankoop opnieuw gerenoveerd. Enya noemde haar onderkomen ‘Manderley’, naar een kasteel in de roman ‘Rebecca’ van Daphne du Maurier. Vanuit het kasteel keek je uit, noteerde Sullivan, over Killiney Bay in Dublin. Ze kan dan suiker lenen bij haar buurman Bono, de zanger van U2. Jarenlang was ze langs het slot gelopen. Altijd was ze gefascineerd. Toen ze hoorde dat het te koop was liet ze zich rondleiden. “Ik heb heel wat gereisd en was op zoek naar een plek die ik mijn thuis kon noemen. Ik was meteen verliefd. Het is een huiselijk kasteel. Er is niets pompeus aan”.

   Toch wel bijzonder, een kasteel voor een vrouw alleen.

 

99 - Enya Manderley 2006
Manderley

 

De liedjes die Enya schreef (van tekst voorzien door Roma Ryan) werden niet alleen door haarzelf uitgevoerd. De Amerikaanse Fugees die in 1996 scoorden met hun versie van Roberta Flacks’s ‘Killing me softly with his song’ gebruikten Enya’s ‘Boadicea’ als basis (sample) voor de single ‘Ready or not’. In Amerika geen grote hit maar in Engeland een nummer één. Nicky Ryan: “Ze hadden ons niet om toestemming gevraagd. We hadden Sony kunnen dwingen de plaat uit de handel te nemen. Maar waarom zou je dat doen? De Fugees waren een jonge groep. Dus we maakten een zakelijke afspraak. Die pakte goed uit”. Dezelfde Enya-song werd in 2004 gebruikt voor ‘I don’t wanna know’ van Mario Winans, een produktie van Puff Daddy (P. Diddy). Opnieuw een nummer één in Engeland (en nu ook in Amerika). De Nederlandse DJ Tiesto (Tijs Verwest) maakte een bijzondere versie van ‘Orinoco Flow’. De liedjes van de artieste bleken ook in andere genres geweldig aan te slaan.

 

In 2000 lukte het platenmaatschappij Warner Brothers opnieuw een album van Enya op de markt te brengen. Ten tijde van de release ontving zij de wereldpers in een suite van een hotel in Dublin. Ook Howie Klein, president van haar Amerikaanse platenmaatschappij, was komen overvliegen. “Enya is een van die artiesten die niet het product van de platenindustrie zijn”, verklaarde Klein in Ierland. “Ze is een artiest in de zuiverste zin van het woord. Haar muziek spreekt de meest uiteenlopende mensen aan. We zullen er alles aan doen om het succes naar een nog hoger niveau te brengen”. De Amerikanen beschouwden het album ‘A day without rain’ als een zeer belangrijk item om hun kassabel te laten rinkelen. Ze wisten wat de verkoopmogelijkheden waren. Op dat moment waren er al 44 miljoen cd’s van haar verkocht. Er werd dan ook stevig geïnvesteerd in de marketing. De trekker van het album was ‘Only Time’, dat was vanaf het begin duidelijk.

   Dat nummer en ook het album kregen in 2001 een geweldige push bij de aanslagen in New York en Washington. Zoals vaker bij emotionele gebeurtenissen hadden de media behoefte aan aangepaste muziek. Ze kozen voor ‘Only Time’. Enya: “CNN begon er mee. Het werd het lied van 9/11. De radiostations gooiden hun programmering om. Ze wilden de mensen helpen bij het verwerken van verlies en de verwoesting die was aangericht. De song gaat erover hoe tijd helend werkt en alles op de duur weer enigszins normaal wordt”. Door de opbrengst van de single aan een goed doel te schenken werd een half miljoen dollar opgebracht.

   Een nieuwe boost in haar carrière was de song ‘May it be’. Die werd gebruikt voor de soundtrack van een van de ‘In de ban van de ring’-films. Alles wat mysterieus was kon versterkt worden door gebruik te maken van de klanken van de Ierse artieste. In die tijd was met name Duitsland in de ban van haar. De singles ‘Only time’ en ‘May it be’ bereikten meteen de toppositie in de Duitse charts. Enya is steeds ‘internationaler’ geworden. Ze is in allerlei ‘talen’ gaan zingen, zelfs in het Japans en in een taal die niet bestaat (het Loxian, bedacht door Roma Ryan). Dat doet er niet toe, het gaat immers om de klank van haar stem en de muziek.

 

Tobben met normaal zijn

 

Af en toe verschijnt er een cd van Enya. Als er al door recensenten over geschreven wordt is dat vaak niet in vleiende termen. In de New York Times van 28 november 2005 vergeleek Jon Pareles het luisteren naar het album ‘Amarantine’ met ‘ondergedompeld worden in slagroom’. Ard Tuijp van de Avro-bode was erbij toen de plaat ten doop gehouden werd. Dat gebeurde in een Frans kasteel dat Nicolas Fouquet (1615-1680) in de zeventiende eeuw liet bouwen. Fouquet was minister van Financiën onder Lodewijk XIV, de ‘zonnekoning’. De minister oefende het vak prima uit, niet alleen voor het land maar ook voor zichzelf. Vanwege zijn functie en zijn manier van handelen werd hij verdacht aan het Franse hof. Aan zijn job kwam een einde toen de koning een bezoek aan het kasteel bracht. Dat bleek nog indrukwekkender te zijn dan het Versailles van Lodewijk XIV zelf. Op 7 september 1661 werd de kasteelheer door musketier d’Artagnan gearresteerd. Fouquet werd nooit meer vrijgelaten.
 
Chateau Vaux-le-Vicomte
 

Ard Tuijp: “Het met honderden kaarsen verlichte kasteel Vaux-le-Vicomte is een prachtige locatie voor de cd-presentatie van Enya. Een fraaie vuurwerkshow in de kasteeltuin begeleid door klanken van ‘Amarantine’ maken de sfeer compleet. Tijdens dit feestje staat Enya in een rode galajurk te genieten en lijkt zich helemaal thuis te voelen. Niet verwonderlijk, want in haar woonplaats Dublin is zij ook kasteelvrouwe, zonder man of kinderen”.

   Tuijp bevestigde nog eens dat Enya niets over haar privé-leven wilde vertellen. In het artikel legde hij haar in de mond hoe de liedjes en haar kenmerkende stijl ontstonden. “In mijn kasteel heb ik een piano staan waar ik een melodie op uitwerk. Mijn inspiratie daarvoor haal ik uit mijn gevoelsleven en uit de schoonheid van de natuur. Bij die melodie zing ik dan klanken die daarbij aansluiten. Pas later worden daar woorden bij bedacht die het beste bij de sfeer van het nummer klinken. Dat kan in het Engels zijn, maar ik heb ook in het Latijn, Spaans, Gaelic en Welsh gezongen. Op ‘Amarantine’ is voor het nummer ‘Sumiregusa’ gekozen een Japans gedicht te gebruiken en voor de muziek bij de film ‘Lord of the Rings – The Fellowship of the Ring’ zong ik in een elfentaal”.

   Of de verslaggever de vedette ook echt gesproken heeft is onzeker, maar gezien de aard van zijn reportage liet hij zich goed verwennen in het luxueuze kasteel. Tuijp eindigde dan ook met de opmerking ‘dat er voor de vele Enya-fans met het hartverwarmende album ‘Amarantine’ genoeg te genieten viel’.

 

 99 - Enya very best

 

Enya is geen jong meisje meer. Op 17 mei 2011 werd ze vijftig. Aanleiding voor een Amerikaans-Ierse krant om opnieuw aandacht aan te besteden aan de Ierse vrouw waarvan al 75 miljoen albums verkocht waren en die over een vermogen beschikte van ruim honderd miljoen euro. De artieste werd weer betiteld als ‘mysterious Irish superstar’. Het lukte journaliste Debbie McGoldrick niet de zangeres te spreken te krijgen. Dat gold, constateerde ze, bovendien voor de mensen die bij haar in de buurt woonden. Uit de mond van één van hen tekende ze op: “Ik woon hier al zeventien jaar en ik heb haar nog nooit gezien. De poort van het kasteel is nooit open. Bono en zijn vrouw zie je vaak, maar Enya is een mysterie”.

   McGoldrick bekende dat er zich af en toe stalkers in de omgeving ophielden. Dus vond ze het begrijpelijk dat ze zich schuil hield. Bij Nick Ryan was ze in elk geval welkom. De manager legde uit: “Enya leeft helemaal niet teruggetrokken. Alleen heeft ze er geen belangstelling voor om in de schijnwerpers te komen. Ze heeft altijd aan haar privacy gehecht. She’s just a normal person – like you or me, and she has normal interests. Take my word for it”.

 

Toch lukt het Enya niet altijd om ongemerkt te leven. Aan de Australische krant Herald-Sun onthulde ze dat ze vaak, in het geheim, naar haar zus in Sydney reisde. “Ik stap heel stilletjes in een vliegtuig. Niemand weet het. Op obscure plekjes komt er dan wel eens iemand naar me toe en zegt: ‘Weet u dat u op Enya lijkt?’ Moet ik dan een ontkennend antwoord geven en het spel met zo iemand meespelen? Dat zou niet juist zijn. Want ik ben Enya”.  

 

Harry Knipschild

17 februari 2012
 
Clips
 

Literatuur

 

Interview Enya, BBC, 1987 (uitgewerkt op website Enyabookofdays)

Harry van Nieuwenhoven, ‘Watermark, Enya’, Oor, 3 december 1988

Bert van de Kamp, ‘Enya, ik hou van stilte’, Oor, 3 december 1988

Tom Engelshoven, ‘Acid en Pogues onder U.K.-knoet’, Oor, 3 december 1988

Interview met Rick van Velthuysen, Leidsch Dagblad, 10 maart 1989

Fred Bronson, ‘The Orinoco still flows’, Billboard, 25 juni 1994

Interview met Nicky Ryan, ongeveer 1995 (website Enyabookofdays)

Jim Sullivan, ‘Enya knocks on heaven’s doors’, Boston Globe, 20 december 1997

Larry Flick, ‘After 5 years without Enya album, Warner offers ‘Day without rain’’, Billboard, 28 oktober 2000

‘Enya. Questions and answers’, People Magazine, 5 december 2000

Saskia Decorte, ‘Heilige hoer-ceremonie en baarmoederpotten in stiltecentrum Jethro’, Leidsch Dagblad, 4 maart 2002

Jon Pareles, ‘Enya, Amarantine’, New York Times, 28 november 2005

Aard Tuijp, ‘Genieten van Amarantine. ‘Mijn inspiratie haal ik uit de schoonheid van de natuur’’, Avro-bode, 3 december 2005

‘Enya verkoopt in stilte meer cd’s dan Madonna’, Standaard, 9 december 2005

Persbericht Warner Music, 15 september 2008

Christopher Barrett, ‘Enya’, Music Week, 10 oktober 2008

Evan Fanning, ‘Ethereal Girl’, Hot Press Magazine, Ierland, 5 november 2008

Nui Te Koha, ‘Queen of the castle’, Herald-Sun, Australië, 9 november 2008

Debbie McGoldrick, ‘Mysterious Irish superstar Enya turns 50’, Irish Central, 19 mei 2011