Zoeken

 

Als je op het internet publiceert krijg je soms bijzondere reacties. Op 16 augustus plaatste ik een artikel over Polle Eduard. Peter Koelewijn heeft al jaren een website. Ik vond er een foto van Polle met Peter, Peter Tetteroo, Nico Haak en Boudewijn de Groot. Die was goed te gebruiken als illustratie bij mijn eigen stukje. Kort daarna ontving ik een e-mail van de mij onbekende Ron Verboom. Hij had had de originele foto gemaakt in Zoetermeer tijdens een verjaardagsfeestje van Nico Haak. Peter Koelewijn had hem jaren later op het net gezet.

   Verboom had nog veel meer foto’s gemaakt. In vertrouwen stuurde hij me wat exemplaren op, met James Brown (Amsterdam, Concertgebouw), Doobie Brothers (New York), Mick Jagger (Rotterdam), Nina Simone (Den Haag), Eagles (Voorburg) en vele anderen. Prachtig en nimmer gepubliceerd materiaal. Hoe was het mogelijk dat Ron er nooit erkenning voor gekregen had! Ik pakte de telefoon en belde hem. Op 9 oktober 2011 zaten we bij elkaar in het Centre Céramique (Maastricht).

 

***

 

86 - ron
Ron Verboom
 

Ron Verboom was, hoorde ik, op 22 april 1950 in Gouda geboren. Zijn ouders hadden een kapperszaak. Op jeugdige leeftijd luisterde hij veel naar de muziek van Ray Charles, Pretty Things en Rolling Stones. Geen Beatles, zei hij er nadrukkelijk bij. Later veranderde dat. In de platenwinkel van Lodewijk den Hengst (Lex Harding) in Gouda kocht hij het album ‘Sgt. Pepper’ (1967). Ron verzamelde posters van zijn favoriete artiesten. De wanden van zijn kamer hingen er vol mee. Enthousiast was hij ook van de eerste singles van de Haagse Golden Earrings. ‘Please Go’ en het singletje die ze voor Coca Cola maakten (‘Things go better’, 1966) vond hij geweweldig.

   In 1966 trad Sandie Shaw in Gouda in een tent op. Blootsvoets, zoals bij haar gebruikelijk was. Ron ging kijken en maakte foto’s van de Engelse zangeres. Op eigen initiatief bracht hij zijn zelfgemaakte foto naar de Goudsche Courant, een onderdeel van het Sijthoff-concern. Een reactie ontving hij niet. Maar hoe groot was zijn verbazing toen hij constateerde dat de door hem gemaakte foto zo maar in de krant was afgedrukt. Dat maakte een grote indruk en stimuleerde hem hier mee door te gaan.

 

Haagsche Courant

 

Op 18-jarige leeftijd werd Ron door Peter van Breukelen aangenomen om op de foto-redactie van de Haagsche Courant te werken. Peter was een van de oprichters van World Press Photo. Ron ging aan de slag als laborant tele foto-operator. Naast het ontwikkelen van de fotorolletjes die de fotografen van de krant volschoten, leerde hij tevens hoe de foto’s via de telefoon naar andere kranten van hetzelfde concern konden worden overgebracht. Een soort voorloper van wat nu e-mail is. De Haagsche Courant, met ruim een half dozijn fotografen in dienst, was aangesloten bij de GPD-pers. Ron wisselde ook internationaal foto’s uit met de grote persbureaus: AP, AFP, UPI.

 

Door zijn werk bij de krant kwam Ron Verboom op diverse plekken in Den Haag terecht. Een ontmoetingscentrum was The Factory. “Deze bar lag in de Prinsenstraat, hartje centrum Den Haag”, las ik op het internet. “Een bar waar veel bekende muzikanten kwamen. De Golden Earrings en andere artiesten die zo hoopten op connecties binnen de muziekwereld. De bar werd vooral bevolkt door de roadies van de Earring”. De jonge medewerker van de krant maakte er kennis met de leden van zijn favoriete Nederlandse groep. En met Herman Kooymans, de broer van George, die posters drukte. Enkele jaren later kreeg hij de vererende opdracht om foto’s te maken voor de hoes van de single ‘Bombay’. In die tijd (1976) maakte Eelco Gelling van Cuby & the Blizzards deel uit van de Earring. De foto werd in een Haagse tram genomen.
 
86 - strip-2
Nina Simone, Isaac Hayes, Golden Earring met Eelco Gelding, Mick Jagger

 

Ron Verboom kreeg gelegenheid foto’s voor de krant te maken. Zijn standplaats werd Delft. Van daaruit trok hij als leerling-fotograaf door de omgeving voor het Sijthoff-concern. Zijn dag was helemaal volgepland: sportwedstrijden, een opening, het doorknippen van een lintje, amusement, popconcerten, noem maar op. Zo leerde je het vak van fotograaf wel. Soms een paar voetbalwedstrijden in drie kwartier. Een interessant moment vastleggen en dan snel verder. Als hij bij popconcerten acte de présence gaf deed hij dat meestal in samenwerking met journalisten als Tom Olink en Peter d’Hamecourt. Die waren de verslaggevers.

   De belangstelling die Ron voor popmuziek had bracht hem al na korte tijd tot ver buiten zijn eigenlijke rayon Delft. Bij concerten van buitenlandse artiesten stond hij regelmatig met de camera in de aanslag. Ron kreeg er een kick van als hij dan op maandag een proef van de krant in handen kreeg. “Bij gewone plaatjes werd mijn naam nooit vermeld. Maar bij de foto’s die ik tijdens concerten schoot wel. Als een foto goed uitpakte besloeg die soms wel een halve pagina. Dat was de romantiek van het vak. Een bijzondere herinnering heb ik aan een concert van Frank Zappa in 1973. ‘Hot Rats’ (1969) was een van mijn favoriete albums. Ik had vreselijk veel last van kiespijn die avond. Eén wang was helemaal opgezwollen. Zappa zag mijn dikke wang terwijl hij op de bühne met zijn muziek in de weer was. Om mij te imiteren zette Frank met zijn tong ook een dikke wang op, waarschijnlijk omdat hij het als een grapje zag. Ik maakte er meteen een foto van. Pats. Die haalde groot de krant!”

 

86 - zappa-a
Frank Zappa 1973
 

Hoe ging dat nou in die tijd vroeg ik hem. Had je veel problemen met het maken van foto’s?

   “Ik had wel een perskaart. Maar die gebruikte ik nooit. Dat deed je niet. Waar het vooral om ging was zelfverzekerd over te komen. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld was om bijvoorbeeld achter de bühne te komen. Zodra je onzeker overkwam werden je allerlei vervelende vragen gesteld en was het een stuk moeilijker. Een entreebewijs hoefde je niet te kopen. Je liep met je camera gewoon naar binnen. Bij de concerten die Paul Acket organiseerde was dat trouwens altijd goed geregeld. Je meldde je aan en je naam stond genoteerd.

   Het was frappant hoe gemakkelijk je in die tijd op het podium kon staan. Heel dicht bij de beroemdste artiesten van de wereld. Security was nog niet uitgevonden. Alle fotografen deden dat. Totdat Paul Acket zenuwachtig kwam aanlopen en ons verzocht het podium weer te verlaten. Om het het publiek niet te hinderen.

   Het is me maar één keer gebeurd dat ik bij een concert zonder een goede foto terug kwam. Dat was bij Miles Davis. Het was heel donker in de zaal en Miles Davis, hij stond erom bekend, werkte van geen kant mee.

   Als je de foto’s achteraf bekijkt vallen je soms details op die je vroeger ontgaan zijn. Zo ontdekte ik in mijn collectie een serie foto’s die ik in het Concertgebouw maakte toen Melanie er optrad. Achter de zangeres hing een bord waarin het publiek op last van de brandweer verzocht werd niet te roken. Een mooi beeld van die tijd.

   Ik ging natuurlijk ook voor mijn eigen muzikale genoegen naar die concerten toe. Bijvoorbeeld het popfestival van Kralingen (1970). Ik maakte foto’s voor de krant. Nadat ik die had ingeleverd reed ik gewoon terug naar Rotterdam om verder te genieten. Toen Nina Simone in Den Haag optrad hoefde ik voor mijn werk geen foto’s te maken. Ik kon het echter niet laten er heen te gaan en foto’s te maken. Dat deed je gewoon automatisch. Je was er van binnen uit helemaal op gefocused dat te doen”.
 
James Brown, Mariska Veres, Hilde Vermeulen, Patricia Paay, Hans van Oosterhout, Rutger Hauer

 

Dankzij de Haagsche Courant kwam Ron Verboom in het hele land. Hij liet me foto’s zien van Isaac Hayes, Mick Jagger in het Feyenoord-stadion, Hans Vermeulen en Jerney Kaagman samen in de Barbaars (Voorburg), James Brown tijdens het unieke optreden in het Amsterdamse Concertgebouw. “In het Amsterdamse Hilton was ik bij een persconferentie van Tom Jones. Vanwege enkele dames duurde het even voor die kon beginnen. Toen Jones later die dag optrad in Carré mocht ik naast ‘pa’ Bakker van GTB zitten, die het geluid in de zaal verzorgde. Zo had ik de beste plek, een ereplaats, om foto’s te maken. Met journalist Tom Olink ging ik op bezoek bij Albert Mol, helemaal in de Achterhoek”.

 

Freelance fotograaf

 

In 1973 besloot Ron Verboom zich zelfstandig als fotograaf te verhuren. Dat kon hij zich permitteren omdat hij enkele vaste opdrachtgevers had, onder wie Hans Auer die een aantal tijdschriften opzette. Bijvoorbeeld ‘Lekker’ en ‘Huis’. Hij had nu ruimte om foto’s te maken waar hij maar wilde. Zo was hij in maart van dat jaar aanwezig bij het Popgala in de Vliegermolen (Voorburg). Artiesten als Gary Glitter, Ry Cooder, Ron Wood, Rod Stewart, Pete Townshend, Country Gazette, Slade en de jonge Eagles legde hij bij die gelegenheid vast op de gevoelige plaat.

   In 1973 ook organiseerde Bram Bom een reis per jumbo naar New York. Heel wat mensen van radio Veronica gingen mee, onder wie Tineke de Nooij, Rob Out, Hans Mondt, Tom Collins, Ad Bouman en Bull Verweij. Tijdens de vlucht speelde Jaap Dekker boogie woogie muziek in het vliegtuig. In New York bezocht het gezelschap een concert van de Nederlandse popgroep Focus. Thijs van Leer, Jan Akkerman, Bert Ruiter en Pierre van der Linden waren op dat moment succesvol in de VS met de albums ‘Moving Waves’ en Focus 3’, en de single ‘Hocus Pocus’.

   “We ontmoetten er heel wat artiesten. De Doobie Brothers en Debbie Reynolds bijvoorbeeld. De Doobie Brothers waren lieve jongens. Het klikte meteen tussen ons. Onder leiding van Tineke gingen we met een klein groepje naar het Waldorf Astoria. Daar traden Gladys Knight en de Pips op. Die stonden op dat moment aan de top. Hun single ‘Midnight Train to Georgia’ bereikte de eerste plaats van de Amerikaanse hitlijsten

   Op Rockefeller Plaza werden foto’s van het gezelschap gemaakt. Achter het plein bevond zich het hoge gebouw van Associated Press. Schoorvoetend ging ik er heen om de foto’s vanuit New York naar Nederland over te seinen. Dat was de lijnen-techniek die ik bij de Haagsche Courant zelf had leren beheersen. Om in dat gebouw rond te lopen en er even te werken was voor mij een sensationele ervaring. Ik voelde me op die plek echt een kleine jongen”.

 

Dankzij zijn beroepsmatige verblijf in Delft was Ron Verboom bevriend geraakt met allerlei artiesten uit die stad. Met iemand als Nico Haak (1939-1990) kon je geweldig stappen. Nadat hij een tijdje in Hilversum met ‘paniekzaad’ gestrooid had maakte Nico (‘Niekie’) grote hits als ‘Foxy Foxtrot’ en ‘Honkie tonkie pianissie’. Veel van zijn liedjes werden geschreven door stadgenoot Polle Eduard en geproduceerd door Peter Koelewijn. En die had samen met Boudewijn de Groot een productiebureau opgezet. Nico en Boudewijn zetten het nummer ‘Tante Julia’ samen op de plaat. Polle Eduard en Peter Tetteroo, beiden woonachtig in Delft, hadden de Tee Set opgericht. Zo kwam de foto tot stand die ik bij het artikel over Polle Eduard geplaatst had en die door hem gemaakt was.

   Door zijn contacten kwam Ron Verboom in de Haags/Delftse scene terecht. Hij ontdekte dat Hans van Oosterhout, de producer van de groepen Supersister (Den Haag) en Alquin (Delft) op de zelfde dag als hij geboren was. Hans woonde in het zelfde huis als drummer Shell Schellekens (Loosduinsekade). Polle, Shell, Hans, Ilja Gort, Frank van der Kloot, Uly Grün werkten in ontelbare combinaties met elkaar samen. Als er een hit gemaakt moest worden, zoals bij de groep Drama, werd nog wel eens de hulp van Peter Koelewijn ingeroepen. Als er foto’s gemaakt werden was Ron Verboom van de partij. Menige album-hoes is op zijn conto te schrijven. Kijk maar bij Fontessa, Frank van der Kloot of de Polle-elpee ‘Net op tijd’ (een titel bedacht door Jerry Voisin). Recentelijk ontdekte Ron Verboom dat Jerry Voisin en hij een tijdje in hetzelfde pand (Koediefstraat, Den Haag) gewoond hadden.

 
Peter Koelewijn, Nico Haak, Ron Wood, Rod Stewart, Doobie Brothers, Chris Hinze
 

Globetrotter

 

Met fluitist/platenproducer/zakenman Chris Hinze hadden Ron Verboom en zijn vrouw een speciale relatie. Ron maakte de foto’s voor de hoezen van het label Keytone, zijn vrouw Willy paste op de dochters van Chris. Toen de artiest zijn activiteiten verplaatste naar Antibes aan de Middellandse Zee nodigde hij Ron Verboom en zijn vrouw uit met hem mee te gaan. Dat avontuur liet hij niet aan zich voorbijgaan. Van het een kwam het ander. Ron ontdekte dat hij meer kon dan foto’s maken, en op een andere manier meer kon verdienen. Hij trad op als tolk en kwam in Monaco in de horeca terecht. Min of meer tegen wil en dank werd hij chef de rang in Loews, een zeer gerenommeerd hotel in Monte Carlo.

   “Ik was toen dertig jaar oud. Oorspronkelijk was ik zelfs aangenomen voor een nog hogere functie. Hoewel ik helemaal geen ervaring in dat vak had. Ik wilde me liever van onderop omhoog werken. Dat deed ik dan ook. Loews was onderdeel van een wereldwijde keten. Het voordeel van Monaco boven Antibes was dat er het hele jaar door wel activiteiten waren en dus ook gasten. De Grand Prix van Monaco ging onder het hotel door”.

   Ron was onverwacht in een totaal andere wereld terechtgekomen. “Ik raakte in gesprek met enkele croupiers. Die brachten me op het idee naar Zuid-Afrika te verhuizen. Ik kwam terecht in Sun City. In Sandton Sun was ik opnieuw chef de rang. Dat was een zeer luxueus oord. Ik had de Bee Gees als gasten en ook Joseph Luns. Toen ik hem in z’n eentje zag zitten bood ik hem een glaasje jenever aan. Dat gebaar waardeerde hij zeer. Met nog een glaasje van dezelfde soort kwamen we met elkaar in gesprek. Aan het lange ministerschap van Luns was juist een einde gekomen. De oud-bewindsman van buitenlandse zaken was het gezeur beu. Door naar Sun City te komen en met de blauwe trein te reizen zette hij bewust zich af tegen al het politiek correcte gedoe, hoorde Ron. Lachend, zoals Joseph Luns dat kon, maakte hij duidelijk: “Nu ben ik hier en ik zal ervan genieten ook”.  

   Ron werd nog wel eens de globetrotter genoemd. Zeven jaar werkte hij op exclusieve cruise schepen. Drie jaar tussen Hongkong en Australië en tevens onder meer langs Zuid-Amerika. Allemaal voor de happy few.

  

***

 

Na jaren van werken overal in de horeca belandde Ron Verboom weer in Nederland. Hij zocht naar een rustige omgeving en vond die in het zuiden van Limburg. Momenteel woont hij in Vaals. Opnieuw is hij aan het fotograferen geslagen. Tijdens het gesprek kon hij niet nalaten zijn camera te pakken. De aanwezigheid van Felix Meurders en burgemeester Onno Hoes greep hij dan ook meteen aan om foto’s te maken.

   Gelukkig was zijn foto-archief gedeeltelijk bewaard gebleven. De in Nederland opgeslagen negatieven, foto’s en knipsels waren er nog. Sommige fotografen in de popmuziek zijn beroemd geworden. Dat komt misschien omdat ze doorgingen met aan de weg te timmeren in het vak. Ron Verboom deed dat niet. Maar de foto’s die in al die jaren niet door het vocht zijn aangetast zijn meer dan de moeite waard. Ze geven een mooi beeld van de popmuziek in het tijdperk waarin hij als fotograaf de kost verdiende.

 

Shell Schellekens, Rob van Leeuwen, Hans Vermeulen, Erik Bakker (GTB), Anita Meijer
 

Met die foto’s moet je wat doen liet ik hem onmiddellijk weten. Die zijn goud waard, stelde ik.

   Ron was terughoudend. Die foto met Polle, Peter Tetteroo, Nico Haak en Boudewijn de Groot was door Peter zo maar op het internet gezet. Daar was hij zelf niet beter van geworden. Het was onbegonnen werk om tegen dat soort dingen te vechten. “Vroeger was ik lid van de NVFJ, de bond van fotojournalisten. Dat kostte me driehonderd gulden per jaar. Een heleboel geld in die dagen. Wat kun je doen aan de snelle hedendaagse ontwikkelingen, de mogelijkheid om te kopiëren?

   Ik heb een mooi voorbeeld. In de tijd dat acteur Rutger Hauer aan het filmen was voor ‘Soldaat van Oranje’ nam hij in de Haagse GTB-studio met Hans van Oosterhout als producer een plaat op. Ik maakte foto’s. Een portret werd gebruikt. Voor een goed doel, werd mij uitgelegd. Ik ontving er dus geen cent voor. Maar die foto is een eigen leven gaan leiden. Rutger heeft hem nu op zijn eigen officiële website geplaatst. Wat moet ik doen! Als ik zou procederen kost me dat kapitalen aan juridische bijstand”.

   Geen wonder dat Ron Verboom enigszins terughoudend is met zijn foto-archief. Ik kan hem alleen maar erkentelijk zijn met hetgeen hij me verteld heeft. En ik ben hem dankbaar dat hij een paar strips voor me heeft gemaakt die ik mag gebruiken. Ook ik ben een goed doel. Probeer als historicus maar eens aan de kost te komen.

 

Harry Knipschild

13 oktober 2011
 
Ron Verboom is op 11 april 2012 overleden
 
Clips
* Rolling Stones, Satisfaction, 1965