Zoeken

 

"Iran is niet bepaald een populaire vakantiebestemming". Het is de eerste zin van een reisgids over dat land. Greet van Deuren schreef die woorden in het voorjaar van 2002. Haar boek verscheen in de voor reizigers bekende Dominicus-reeks.

Voor Greetje en mij was het een uitdaging om een maand door het voormalige Perzië rond te trekken. In een gezelschap van Vlamingen en andere Nederlanders bezochten we tal van steden onder auspiciën van reisorganisatie Koning Aap. In het hartje van de zomer van 2007. Op 11 augustus bereikten we het meest zuidelijke punt: de stad Shiraz. Het is de hoofdstad van de provincie Fars. Er wonen meer dan een miljoen mensen.

Om in de sfeer van de reis te komen gingen we op 6 juli eten in het Perzische restaurant Araz. Waarschijnlijk dachten de Iraanse eigenaars dat ze met een 'Iraans' eethuis minder klanten zouden trekken. Ze verwelkomden ons enthousiast. De warmte was goed uit te houden, hoorden we, want er was overal airconditioning. Taxi's waren bovendien goedkoop. In het Leidse restaurant werd ook wijn geserveerd. Als je flink in de buidel tastte kon je zelfs een fles Iraanse wijn bij de maaltijd (kebab) bestellen. Die was volgens de menukaart afkomstig uit de stad Shiraz. Toen we in Leiden over de recente geschiedenis begonnen te praten was het gesprek snel afgelopen. Als je informatie wilde inwinnen was dat onderwerp duidelijk taboe.

We hadden geen enkele illusie dat we in Iran zelf Shiraz-wijn zouden kunnen drinken. Het consumeren van elke alcoholische drank, in elk geval in het openbaar, was er volstrekt verboden. Bier was wel volop verkrijgbaar. Overal zag je blikjes Bavaria, maar natuurlijk alcohol-vrij. In de omgeving van de stad in het zuidwesten van het land zag je de trossen druiven hangen. Het waren shiraz-druiven kon je op de borden langs de weg lezen. Wijn werd er niet van gemaakt. De islamitische revolutie van 1979 had de leefpatronen van de bewoners behoorlijk veranderd.
 

Ideale stad?
 

Als je afging op de woorden van Van Deuren was Shiraz een ideale stad om te bezoeken: gastvrije mensen, mooie monumenten, prachtige parken en groene lanen. Alleen bij deze stad begon Dominicus de beschrijving met een gedicht: "In het land van poëzie, nachtegalen en rozen, is het leven voorzeker een zegen. O, voer mij, voer mij mee, jij zoete hoop, naar die stad waar poëzie en hartstocht bloeien" (Forogh Farrokhzad). Shiraz was een stad van dichters. Eeuwenlang was het een 'cultureel en artistiek centrum, waar de kalligrafie en de literaire kunsten bloeiden'.

De achttiende eeuw was niet ongemerkt aan de streek voorbijgegaan. Er was hard om de macht gevochten, onder andere met legers die helemaal uit Afghanistan waren opgerukt. Het aantal inwoners was teruggevallen tot minder dan vijftigduizend. Maar in de tweede helft van die eeuw was Shiraz zelfs enkele tientallen jaren de hoofdstad van Perzië (onder de Zand-dynastie). Totdat Teheran die rol overnam, tot in 2010 toe.

 

Het centrum van de stad
 


Op zondag 12 augustus 2007 liepen we met z'n tweeën in de hitte naar het centrum van de stad. Voor Greetje was de hoge temperatuur een extra probleem. Het was vrouwen niet toegestaan luchtige westerse kleding te dragen. Die maatregel gold voor Iraanse, maar ook voor Nederlandse vrouwen. Het dragen van een hoofddoek was verplicht. Haar mocht niet onder de hoofddoek uitkomen, hoewel dat soms oogluikend werd toegestaan, gedoogd
zeggen wij in Nederland. Wat je verder droeg moest eveneens alles verhullend zijn. Alle kleuren waren goed, als het maar zwart (of donker) was. Shiraz was niet het begin van onze reis, dus aan die voorschriften waren we langzamerhand 'gewend'.

In het centrum, dachten we, zou het er wel poëtisch uitzien. Dat was niet het geval. Midden op het grote plein hadden de autoriteiten een opvallende metalen stellage met spandoek geplaatst, met daarop de opperste leider Khamenei, vergezeld van acht 'martelaren'. Martelaren waren vaak mannen die een kwart eeuw eerder tijdens de revolutie tegen Irak gevochten hadden en er het leven bij hadden ingeschoten. Die stellages waren gaandeweg een vertrouwd beeld geworden. Overal in het land zag je ze. De hoofden van de martelaren waren met vlinders, duiven en witte sterren omgeven – aan de hand van dat soort symbolen werd duidelijk gemaakt dat ze na hun leven goed terecht waren gekomen. Het leven op aarde was nu eenmaal 'tijdelijk'. Door voor een goed doel te sterven, was de boodschap, was je kostje voor de eeuwigheid gekocht.

Martelaren werden als 'heiligen' afgebeeld. Als voorbeelden voor anderen. In vrijwel alle gevallen bevonden ze zich dan ook in het gezelschap van imam Khomeini én de huidige leider Khamenei. Het portret van Khamenei was altijd wat kleiner dan dat van zijn voorganger. Verschil moest er nu eenmaal zijn. Behalve op het grote plein van Shiraz. Op deze belangrijke plaats was Khomeini helemaal niet in beeld gebracht. Wees dat erop, overwoog ik, dat Khamenei in Shiraz een sterke machtsbasis had?
 

02a chador

De chador


In oude Europese steden vind je in het centrum van de stad vaak een religieus gebouw. De Notre Dame in Parijs of de Sint Servaas op het Vrijthof in Maastricht. Shiraz had nog een andere attractie, het mausoleum van een vroegere martelaar. Het gebouw stond echter in de steigers. Jammer, maar dat overkomt je wel meer. Daarom maar meteen naar het gigantische gebouw dat functioneerde als mausoleum van Sayyed Mir Ahmad, de broer van martelaar imam Reza. Vanaf de veertiende eeuw hadden er boven het graf van de in 835 gestorven Ahmad bouwactiviteiten plaatsgevonden. En zoals de mensen in de middeleeuwen op pelgrimstocht gingen naar iconen van de katholieke kerk, deden ze dat (en doen ze dat nog steeds) in Iran.

De Lonely Planet (van 2004) gaf nog wat aanwijzigingen. "Het is een prachtige plaats om te zitten en waar te nemen wat voor de Shiïeten [de Iraanse tak van de islam] zo'n belangrijke religieuze betekenis heeft. Niet-moslims behoren toegang te vragen bij binnenkomst. Als je beleefd bent en je ziet er netjes uit, word je binnengelaten. Vrouwen moet een chador omdoen als ze de plaats van het heilige graf willen bezoeken. Je kunt er een lenen bij de boekwinkel buiten het complex". Gepaste islamitische kledij alleen was hier dus niet voldoende.

Greetje leende een chador. Dat ging heel gemakkelijk. We naderden de ruime entree van het imposante complex. Op tien meter voor de ingang werden we tegengehouden door twee onvriendelijke mannetjes. Ze vroegen of we moslim waren. Een beleefde reactie was niet voldoende. Toen ze geen positief antwoord op die vraag kregen werd ons onomwonden duidelijk gemaakt dat we onmiddellijk moesten verdwijnen. Beteuterd stonden we te kijken. De mannen maakten nog gebaren van: weg, weg! Onze aanwezigheid was een sta in de weg voor de echte pelgrims. Dit was dan de gastvrijheid van Shiraz die in alle beschrijvingen te lezen was.

 

Mausoleum op het grote plein
 

Naar het graf van Hafez
 

Daar stonden we dan in de hitte van de late morgen. Er was geen instantie waar je in beroep kon gaan tegen de beslissing van de 'hoeders'. We besloten een bezoek te brengen aan het graf van de dichter Hafez. Omdat de temperatuur inmiddels was opgelopen tot misschien wel veertig graden Celsius hielden we een taxi aan. Dat hadden we wel vaker gedaan. We keken vreemd op toen we zijn tarief hoorden. Dat was vier keer zoveel als we overal elders in het land voor dat soort ritten betaald hadden. Bovendien: toen we niet meteen accoord gingen, reed de chauffeur door. Even later was een andere taxi bereid te accepteren dat we niet meer dan het dubbele bedrag van normaal wensten te betalen. We passeerden nog een plein met een stellage vol met 'martelaars'. Daarop waren tevens oorlogsvliegtuigen afgebeeld. Bij de ingang van het mausoleum van de dichter Hafez lieten we ons afzetten.

Hafez heette eigenlijk Khaje Shams od-Din Mohammed. Volgens Greet van Deuren werd hij Hafez genoemd omdat hij de koran uit zijn hoofd kon opzeggen. De Lonely Planet meldde dat er een spreekwoord bestond dat elk huis in Iran twee dingen moest hebben: allereerst de koran en dan Hafez. "Veel mensen draaien die volgorde om. De dichter Hafez is een Iraanse volksheld – geliefd, bewonderd en even populair als een hedendaags popidool". Volgens de gids zou er geen betere plaats zijn om te proberen Hafez' eeuwige grip op Iran aan te voelen dan hier.

Een eeuw geleden bezocht de Nederlandse gezant in Teheran, Fridolin Knobel (1857-1933) het graf. In zijn boek 'Van Teheran naar Ispahan' (1909) nam Knobel een door hemzelf vertaald gedicht op. "De roos behoort aan haren struik. Breekt gij haar af, dan moet zij sterven. En gij haar geur en schoonheid derven. Geniet van hare weelde en pracht. Dus zonder dat gij haar verkracht, 't Genot alléén is prijzenswaardig. Maar 't doden tevens zeer wreedaardig. Laat dus de roos aan haren struik".

Volgens Knobel was Hafez met zijn gedichten over rozen zó vermaard dat hij de troepen van de binnenvallende krijgsheer Tamerlane (veertiende eeuw) wist te weerhouden Shiraz te vernietigen. Een mooi verhaal. Maar de historische werkelijkheid was dat de inwoners bereid waren een flink tribuut aan de veroveraars te betalen. De vernietiging werd dus afgekocht.

Vanuit de entree liepen we recht op een koepeltje met pilaren af. Onder het afdak, op een verhoging, was het stenen graf met daarop de naam Hafez gebeiteld. "Rond de graven van Perzische dichters prevelen de Iraniërs nog steeds verzen uit lang vervlogen tijden", liet Greet van Deuren optekenen bij een illustratie waarop een fotograaf drie mannen fotografeerde met achter zich het koepeltje, en op discrete achtergrond een aantal gesluierde vrouwen in het zwart. Gedichten hoorde ik niet opzeggen of prevelen. Iedereen, maar dan ook iedereen die zich op deze plek bevond, moest wél gefotografeerd worden. Ook Greetje werd nadrukkelijk gevraagd foto's van andere bezoekers te maken.
 

02b hafez

Het graf van Hafez (Dominicus)


Wat zou het heerlijk zijn op deze rustige plek een kopje thee te drinken, vonden we. De Dominicus gaf het al aan: "Achteraan links geeft een deur toegang tot een gezellig openlucht theehuis. De lokale zoete specialiteit falude wordt er verkocht. Onder een portiek zijn twee winkeltjes waar souvenirs, gedichten en muziekcassettes verkocht worden". De Lonely Planet had ongeveer dezelfde tekst. Volgens het boekje zouden er bovendien Iraniërs door de tuinen lopen met een opengeslagen boek van Hafez in de hand. Ze lazen de gedichten van de dichter alleen of in groepen. Alle gebouwen waren echter gesloten. In plaats van een theehuis vonden we een kerkhof. Niemand liep met een dichtbundel. Misschien toeval, maar die ochtend was er niet veel terecht gekomen van wat de reisboekjes ons aangekondigd hadden.
 

De burcht


Omdat we tijdens ons verblijf een excursie naar Persepolis en andere herinneringen aan het oude Perzië maakten verbleven we wat langer in de stad. Dat gaf ons gelegenheid Shiraz tamelijk uitgebreid te verkennen. We bezochten de voormalige koninklijke burcht, het centrum van de macht in het land tijdens de Zand-dynastie. Nadat de hoofdstad in 1795 van Shiraz naar Teheran verplaatst was fungeerde het vierkante gebouw lange tijd als gevangenis. Bij de ingang van de burcht werd dat nadrukkelijk vermeld. Het voormalige 'paleis' had een betere functie gekregen, zo werd het er uitgedragen: het was nu een museum geworden. Door het zo te stellen werd de indruk gewekt dat er in het huidige Iran geen gevangenen meer waren. De werkelijkheid was natuurlijk anders.
   Achter de muren bevond zich een grote binnenplaats. Rondom die lege plek aan de binnenkant van de dikke muren waren kleine kamertjes. Overal zagen we foto's die het vroegere leven in Shiraz uitbeeldden. Foto's van een bijna lege Zand Boulevard, van wetsovertreders die op het punt stonden geëxecuteerd te worden, chique hotels in koloniale sfeer, en volle straten waar geen vrouw te zien was. Een bijzondere foto was er een uit 1937. In dat jaar had de shah afgekondigd dat de hoofddoeken af moesten. Van dat moment was een opname gemaakt. Menige vrouw keek meer dan schichtig in de camera.

 

De hoofddoeken af en hoeden op (1937)


Het verschil in de bedekking van het vrouwenlichaam tussen Iran en het 'vrije westen' was een onderwerp waar je tijdens een bezoek aan Iran niet aan kon ontkomen. In de meeste winkels was alleen de donkere/zwarte bovenkleding te zien. Maar als je door een bazaar doolde kwam je soms ineens op een plek waar zeer luchtige jurken te koop waren. Die deden denken aan de sprookjes uit 1001 nacht. De jurken waren ongetwijfeld bestemd voor particuliere consumptie. In Shiraz troffen we in een winkel toch ook kleurige kleding aan. Dat was import. Uit het islamitische Indonesië. Om precies te zijn: van het (hindoeïstische) eiland Bali. Hoe zat het met het damesondergoed? In Nederland wordt pikante lingerie de laatste decennia uitbundig tentoongesteld. In Shiraz was dat niet het geval. Op een afgelegen plek troffen we een rijtje tentjes aan. Gesloten tentjes met koepeltjes. Daar werd de onderkleding voor dames verkocht.
 

Lingerie-verkoop


 

Een moskee en een kerk
 

Het bezoek aan het mausoleum was mislukt. Er waren echter volop moskeeën in Shiraz. Toen we op de Martelaar Emadi-straat liepen zagen we er een met de ramen open. Binnen waren vrouwen en mannen aan het bidden. Opnieuw deden we een poging zo'n gebouw te betreden. Deze keer viel het mee. Natuurlijk moesten we onze schoenen uitdoen voor we toegelaten werden. Maar nadat we de controle eenmaal hadden weten te passeren werd ons niets meer in de weg gelegd. We mochten zelfs foto's maken.

Het islamitische gebouw (Imamzadeh-ye Ali Ebn-e Hamze) had als centrale plek het mausoleum van de neef van de Zevende Imam. Het plafond bestond voor een groot gedeelte uit vierkante stukjes glas die in de blauwgroene omgeving een apart effect sorteerden. Er waren aparte bidruimtes voor mannen en vrouwen. Iedereen zat op de grond of liep op blote voeten rond. De vrouwen hadden zich heel zedig extra in doeken gewikkeld. De (oude) mannen combineerden het bidden met het maken van een praatje. Misschien waren ze wel enigszins ondeugend omdat de plaatselijke imam nog niet gerarriveerd was. Die kwam binnen toen wij de moskee verlieten.
 

Biddende vrouwen in de Imamzadeh-ye Ali Ebn-e Hamze-moskee


De Lonely Planet meldde dat er in Shiraz behalve moskeeën ook een Anglicaanse kerk was. De kerk van de heilige Simon, Simon de zeloot, de ijveraar. Hij en Thaddeus, twee van de twaalf apostelen, zouden in het Perzische rijk de marteldood gestorven zijn. Volgens het boekje was het mogelijk de kerk te bezichtigen. "Er is een metalen deur met een Perzisch kruis erop. Meestal is de deur op slot. Gewoon aanbellen, dan word je binnengelaten".

Het was niet zo eenvoudig de kerk te zien. Het gebouw was omgeven door een metershoge muur. We belden aan. Na lang wachten deed iemand de poort open. Het was een bange man. Engels sprak hij nauwelijks. Het kostte ons moeite toegelaten te worden. Foto's, maakte de Iraniër duidelijk, mochten onder geen beding gemaakt worden.

In de kerk vonden we herinneringen aan Europeanen die op de plek actief waren geweest. Zoals de Britse zendeling Ralph Norman Sharp. Die had de kerk in 1938 gebouwd. Sharp had een brede belangstelling. Op het internet vond ik door hem vertaalde Iraanse teksten en een verhandeling over Persepolis. Tientallen jaren werkte Sharp als geloofsverkondiger in Shiraz en de nabijgelegen woestijnstad Yazd. Bovendien was hij docent aan de universiteit van Shiraz. Sharp was 99 jaar oud toen hij in 1995 in Shiraz overleed. Bij zijn begrafenis waren maar liefst tachtig mensen aanwezig, meldde zijn dochter Olive op de website Iranian Christians International. Het leek erop dat die mensen een risico namen door bij de uitvaart aanwezig te zijn.

In de kerk vonden we niet alleen herinneringen aan Sharp, maar ook aan Henry Martyn (geb. 1781), die in 1811 vanuit Calcutta door het Midden-Oosten trok. Martyn wilde het nieuwe testament in het Perzisch vertalen. In Shiraz verbleef hij een jaar om er bijbelse teksten te vertalen en in discussie met moslims te gaan. Toen hij verder reisde overleed hij als gevolg van alle inspanningen. Zijn werk werd in 1824 uitgegeven.

Onze begeleider bleef voortdurend angstig bij ons. Hij maakte duidelijk dat het niet pluis was als je liet merken dat je het Anglicaanse geloof aanhing. Na afloop van de 'rondleiding' bracht hij ons naar de graven van twee katholieke missionarissen, uit 1612 (zonder naam) en 1661 (de karmeliet Barnabas). Toen we op het punt stonden te vertrekken ging de bel. Twee andere westerlingen meldden zich voor een bezoek. De man kromp ineen van de schrik. Was hij net van het bezoek van westerlingen af en nu kwamen er weer nieuwe mensen...
 

***

Na het bezoek aan de stad ben ik blijven volgen wat er in Shiraz gebeurde. Op 5 maart 2008 meldde Thomas Erdbrink, correspondent van NRC Handelsblad dat studenten aan de universiteit daar al een week aan het demonstreren waren. Rector Mohammad Hadi Sadeghi was een voormalige commandant van de Iraanse revolutionaire garde. President Ahmadinejad had in september 2006 een zuivering aangekondigd van professoren en decanen die te liberaal of seculier werden geacht. Vervolgens was Sadeghi benoemd. Een studente, die anoniem wilde blijven, sprak van een golf van bedreigingen. Leden van de Baseej, een soort islamitische zedenpolitie, hadden geprobeerd een eind aan de demonstratie te maken.

Nieuws over de ontwikkelingen in Shiraz vind je ook op de website van de Tehran Times, de Engelstalige krant die tijdens de revolutie van 1979 werd opgezet. Op 30 november 2008 deed de krant verslag van een proces tegen drie mannen. Ze werden ter dood veroordeeld. Op vrijdag 9 april 2009 (de 'zondag' van de islam) werden de mannen opgehangen. Ze hadden een aanslag gepleegd in een moskee waarbij veertien mensen gedood en meer dan 200 gewond waren. Het hof, aldus de krant, had de veroordeelden beschuldigd van banden met een oppositiegroep buiten Iran. Ze hadden orders ontvangen van een CIA-agent. De 'agenten' hadden netwerken gevormd onder leiding van de Verenigde Staten en andere westerse landen met de bedoeling het geloof van de mensen te ondermijnen. Wie tot zo'n netwerk toetrad werd gebrainwashed en kreeg vervolgens opdracht terroristische aanslagen uit te voeren', aldus de Tehran Times.

Een artikel in dezelfde krant (16 juli 2009) vond ik nogal curieus. "Zeven vrouwen die in Iraz ter dood of tot levenslange gevangenisstraf zijn veroordeeld participeren in het toneelstuk 'Nieuwe Geboorte'. De vrouwen gaan met handboeien om het toneel op. Verscheidene bewakers van de gevangenis begeleiden hen terwijl ze op het podium acteren. Een van de vrouwen, die een levenslange gevangenisstraf uitzit wegens gewapende roof  had verklaard dat ze nooit tot die daad gekomen was als ze geweten had hoe opwindend acteren was". Volgens het Iraanse persbureau ISNA was het toneelstuk 'warmly received in the city'.

De berichten van na ons vertrek demonstreerden nog eens dat de reis door Iran een 'uitdaging' was. Dat gold in het bijzonder voor Shiraz, de stad van dichters als Hafez.
 

Harry Knipschild

4 augustus 2010
 

Clips
* Ashura, religieus feest, in Shiraz, 2008
* Het graf van de dichter Hafez, Shiraz, 2010

* Shiraz 1955
* Reportage Shiraz, 2011 


Literatuur
F.M. Knobel, Van Teheran naar Ispahan, Pretoria 1909
Greet van Deuren, Iran, Dominicus, Bloemendaal 2002 (1996)
Andrew Burke en Mark Elliott, Iran, Lonely Planet 2004
Thomas Erdbrink, 'Studenten protesteren op twee Iraanse universiteiten', NRC, 5 maart 2008 
'Court sentences three convicts to death over Shiraz bombing', Tehran Times, 30 november 2008
'Shiraz bombers are hanged', Tehran Times, 11 april 2009 
Female prisoners hired for 'New Birth' play in Shiraz, Tehran Times, 16 juli 2009