Zoeken

 
 
Phil Spector (New York, 26 december 1939) had in 1958 voor het eerst succes. Zijn song ‘To know him is to love him’ bereikte in 1958 de eerste plaats van de Amerikaanse hitlijsten. Spector, een telg uit de joods-Russische familie Spekter, schreef het nummer en zette het samen met Annette Kleinbard, Marshall Leib en drummer Sandy Nelson op de plaat onder de groepsnaam The Teddy Bears.
 
001 a Phil Spector
 
In de jaren zestig werd Phil Spector het prototype van de succesvolle platenproducer. Hij maakte gebruik van de technische ontwikkelingen in de opnametechniek. De uitvoerende artiesten en muzikanten, die hij in vele gevallen zelf bij elkaar bracht, namen niet samen op in de studio, maar meestal afzonderlijk. Het resultaat was een opeenstapeling van klanken. Dat was een nieuwe ontwikkeling, waarin hij domineerde.
 
 
Producer is de ster
 
 
Spector controleerde bovendien zijn eigen producties en songs. Ook dat was nieuw. Eerder hadden platenmaatschappijen het voor het zeggen. Hits als ‘Corinna Corinna’ (Ray Peterson, 1961), ‘Da Doo Ron Ron’ (Crystals, 1963), ‘Be my baby’ (Ronettes, 1963), ‘You’ve lost that loving feeling’ (Righteous Brothers, 1964) en ‘Imagine’ (John Lennon, 1971), maakten hem tot een ster, een mythe en een rijke Amerikaan. Hij vestigde zich eerst in Beverly Hills en kocht later een kasteel in Alhambra bij Los Angeles.
 
In die tijd was ik een groot bewonderaar van de producties van Phil Spector. In 1969 was ik gefascineerd door zijn epos ‘Love is all I have to give’ van Checkmates Ltd. In 2007 maakte hij nog een interessante opname met de zanger Hargo, ‘Crying for John Lennon’.
 
Mick Brown in het Alhambra-‘kasteel’
 
 
Het persoonlijke leven van Phil Spector heeft heel wat papier gevuld. De verhalen zijn gekomen van zijn voormalige helpers, muzikanten, artiesten, vrouwen en wie al niet meer. Lana Clarkson kan ons niet meer verder helpen. Op 3 februari 2003 ging ze op bezoek in het kasteel. De actrice kwam er niet levend uit. Na twee processen werd Phil Spector onlangs veroordeeld tot een gevangenisstraf van negentien jaar. Hij ontkende dat hij haar had doodgeschoten, maar dat hielp hem niet. De kans is niet groot dat hij zelf nog iets over zijn leven kan vertellen.
 
Spector was zelf zwijgzaam. Interviews gaf hij niet. Totdat het ‘onmogelijke’ gebeurde. Journalist Mick Brown, van de Daily Telegraph, slaagde erin uitgebreid met de producer te praten. Hij was zelfs welkom op het kasteel. Dat gebeurde enkele weken voor Lana Clarkson op die plek haar laatste adem uitblies. De Britse Daily Telegraph publiceerde de tekst van het interview op 4 februari 2003, de dag na de moord.
 
 
Phil Spector ontvangt vertegenwoordiger van de pers
 
 
Brown had er maar weinig vertrouwen in dat hij de man achter de ‘wall of sound’ te spreken zou krijgen toen hij naar Los Angeles afreisde. Toch nam hij het risico. Bij aankomst leek het al mis te gaan. In het hotel vond de journalist een boodschap: het interview kon de volgende dag niet doorgaan. Hij moest maar wachten in zijn kamer. Vierentwintig uur lang hield hij zijn adem in. Toen ging de telefoon. Beneden wachtte een auto, een witte Rolls Royce Silver Cloud uit 1964, kenteken ‘Phil 500’. Een chauffeur deed de deur voor hem open. De gordijnen van de auto gingen dicht. De Hollywood Freeway bracht Brown naar Alhambra. De auto hield halt achter het gietijzeren hek van het kasteel. En daarna moest de schrijver alleen omhoog lopen. “Mr Spector likes visitors to walk up”, hoorde hij van de chauffeur.
 
Brown kwam terecht in een hal. Die was leeg. Twee metalen harnassen hielden de wacht. Een assistente bracht hem naar de muziekkamer. Daar lag een gitaar van John Lennon. Aan de wanden hingen een Picasso, een tekening van Lennon en foto’s met daarop Phil Spector in het gezelschap van muziek-corifeeën. Nog een half uur moest hij wachten. Een meisje in uniform bracht hem gekoeld water. Klassieke muziek was overal. Brown kreeg bericht dat ‘Philip’ weldra zou verschijnen. Terwijl hij luisterde naar de muziek van Händel zag hij de beroemde Amerikaan boven aan de trap verschijnen. Hij had een zijden kostuum aan met de letters PS in zilverdraad erop gestikt. Het interview kon beginnen.
 
 
‘Ik zal nooit gelukkig zijn’
 
 
Het kostte Phil Spector niet de minste moeite toe te geven dat hij niet helemaal normaal was. Hij wist ook waarom. Zijn vader en moeder waren volle neef en nicht. Dat had er vast iets mee te maken. “I would say I’m probably relatively insane, to an extent. […] I have a bipolar personality, which is strange. I’m my own worst enemy”. Al in 1960 had hij zich door een psychiater laten behandelen. Daar was hij sindsdien mee doorgegaan. Hij slikte van alles. Ogenschijnlijk had de behandeling niet veel geholpen. “Ik heb duivels van binnen zitten”, beweerde de Amerikaan. “Ik zal nooit gelukkig zijn”.
 
Gelukkig of niet, het ging erom succes te hebben. Phil Spector wilde een winnaar zijn, hoe dan ook. Als klein jongetje al speelde hij vals met monopolie en scrabble. Hij had vals geld en extra blokjes uit zijn eigen collectie bij zich als hij bij vriendjes uitgenodigd werd. “An extra $100 or $500 and I’d win every time. Same with the x’s and blanks at Scrabble. I just figured, shit, if it’s all about winning I ain’t going to lose, because what’s the fucking fun in that? And if you don’t like it, don’t invite me over”.
 
De wil om te winnen zette zich voort in zijn leven in de muziek-business. Streefde de producer ernaar onsterfelijk te worden, vroeg Brown. Hij had op de juiste knop gedrukt. Spector knikte nadrukkelijk. “Yes. I think when Thomas Jefferson wrote the Declaration of Independence he was thinking, people will remember this. Gershwin may have said to himself, I’m not sure about this ‘American in Paris’, but I think he said, this is something special. I think Irving Berlin had an ego. I think he wanted to be number one. And so did I”.
 
Vrienden had hij ogenschijnlijk niet gemaakt in zijn leven. De puissant rijke producer woonde helemaal alleen in het kasteel. Daar zat hij dan, in elkaar gedoken, een klein mannetje op een grote witte sofa. Zijn handen trilden. Hij droeg een polshorloge dat elk uur de tijd aangaf, als een koekoeksklok. Niet met een piepje, maar ‘gesproken’: “It’s three o’clock”. En een uur later: “It’s four o’clock”.
 
Kleine symfonieën voor de kids
 
 
Brown was een fan van Spector geweest. Hij kon zich nog herinneren dat hij ‘Zip-A-Dee-Doo-Dah’ (Bob B Soxx and the Blue Jeans) in 1963 voor het eerst gehoord had. In het kasteel zag hij een antieke jukebox met daarin de hits die ‘Philip’ vroeger tot stand had weten te brengen. Het apparaat bleef echter buiten werking. In plaats daarvan hoorde hij klassieke muziek.
 
Spector vertelde hem dat hij aangesloten was op een service zodat hij via een satelliet de hele dag en nacht door, vierentwintig uur, dag in dag uit, in zijn hele huis klassieke muziek hoorde. Sibelius, Bach, Beethoven, Brahms, wist de verslaggever zich later nog te herinneren. Zijn eigen plaatjes zag hij in het verlengde van die muziek. Spector sprak van ‘little symphonies for the kids’. Hij beschouwde ze als een epos over de verlangens van een teenager, de verrukking van een kus als afscheid, of de pijn dat je te jong was om te trouwen.
 
 
You’ve lost that loving feeling
 
 
Righteous Brothers 
 
De opname van ‘You’ve lost that loving feeling’ riep associaties op met Wagner. Gitarist Barney Kessel, die als sessiemuzikant had meegewerkt, bevestigde de sfeer tijdens de opname. “Het leek wel of hij Moskou zou gaan binnenvallen”.
 
Tijdens het gesprek in 2003 keek Spector zelf nog eens terug. De opname werd uitgebracht onder de naam Righteous Brothers. De blanke soulzangers hadden al een zestal kleine hits gehad in de VS. Het nieuwe nummer zagen ze aanvankelijk helemaal niet zitten, vertelde Phil. In feite was het een solo-nummer van Bill Medley. Bobby Hatfield, die nauwelijks te horen was, vroeg geïrriteerd wat zijn rol dan wel was. Daar had de producer echter onmiddellijk een antwoord op: “You can take your money to the bank”. Spector schudde zijn hoofd in het kasteel, alsof hij wilde zeggen: Die idioten!
 
De producer vertelde dat hij zes maanden aan de opname van het liedje gewerkt had. Eindelijk was het resultaat naar zijn zin. Nu moest hij het aan de man brengen. Dat deed hij zelf. Hij ging naar New York en speelde het voor Barry Mann en Cynthia Weill die het nummer samen met hem geschreven hadden. “You never close your eyes…..” Wacht even, hoorde hij. De snelheid is niet goed. Volgens Barry Mann had hij ‘You’ve lost that loving feeling’ niet op de juiste manier op tape gezet. Spector had naar eigen zeggen meteen zijn psychiater gebeld. “Doc, I have to see you right away. I just worked six months on this record; it cost me $35,000 and the fucking co-writer thinks it’s on the wrong fucking speed”.
 
Ook van allerlei andere mensen uit ‘het vak’ zou hij negatieve reacties gekregen hebben. Don Kirshner, die zijn uitgeversbelangen behartigde, luisterde en vroeg hem hoeveel plaatjes hij had laten persen. Een half miljoen. Verander de titel was zijn reactie. Noem het nummer ‘Bring back that loving feeling’. Opnieuw had Spector zich bij de psychiater gemeld.
 
Spector nodigde Murray the K uit om te komen luisteren. “Murray, I have this new Righteous Brothers record. I need you to play it on the show”, zou hij gezegd hebben. De zeer invloedrijke diskjockey was enthousiast. Maar, liet hij hem weten, het nummer zat verkeerd in elkaar. Je moet op een andere manier beginnen en het op een heel andere manier opbouwen, hoorde hij uit zijn mond. “I didn’t sleep for a week when that record came out. I was so sick, I got a spastic colon; I had an ulcer”.
 
Voor alle zekerheid sjoemelde Spector nog met het aangeven van de tijdsduur op het label. Daar was, vertelde hij, te lezen: drie minuten en vijf seconden. In werkelijkheid was het een minuut langer. Dat leek hem beter. Phil Spector haalde zijn gelijk. ‘You’ve lost that loving feeling’ van de Righteous Brothers veroverde de wereld. Het is inmiddels een popklassieker geworden.
 
 001 d top100-a
 6 februari 1965
Harry Knipschild
18 oktober 2009
 

De manager van de Rolling Stones spreekt zijn bewondering uit

 
Clips
 

Literatuur
Keith Altham, 'Cilla Black is knocked out by new disc!' [You've lost that loving feeling], NME, 8 januari 1965
Richard Williams, Out of his head. The sound of Phil Spector, Londen 1974
Tom Simon, 'Sandy Nelson', website Tom Simon, 20 april 2000
Mick Brown, 'Pop's lost genius: Phil Spector', Daily Telegraph, 4 februari 2003
Mark Ribowsky, He's a rebel. Phil Spector: rock & roll's legendary producer, Cambridge, MA, 2006
Harriet Ryan, 'Phil Spector gets 19 years to life for actress' murder', Los Angeles Times, 29 mei 2009